Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

glimmer - (groep van mineralen, mica)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

glimmer zn. ‘groep van mineralen, mica’
Vnnl. glimmer “kattensilver” [1567; WNT kattenzilver]; nnl. witte platte schubbetjes, die zuivere Glimmer zyn ‘... zuivere mica ...’ [1770; WNT schub].
Het woord is ontleend aan Hoogduits Glimmer ‘mica’ [1530; Kluge21], een bijzondere betekenis van Glimmer ‘glans’, afgeleid van het werkwoord glimmern, een frequentatief bij glimmen ‘glanzen’, zie → glimmen.
Hetzelfde frequentatief komt ook voor in Engels glimmer ‘zacht glanzen’, Middelengels glimeren.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

glimmer [delfstof mica] {1770} < hoogduits Glimmer, van glimmern [glanzen].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

glimmer znw. o. ‘groep licht splijtbare delfstoffen’ in de 19de eeuw < nhd. glimmer naar het glanzende oppervlak. — Zie: glimmen.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

glimmer (kattenzilver, kattengoud). Nnl. uit nhd. glimmer m. “glimmer”. Dit bij glimmen.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

glimmer delfstof mica 1770 [Toll.] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut