Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

giga- - (voorvoegsel dat miljardvoud aangeeft)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

giga- [voorvoegsel dat miljardvoud aangeeft] {in bv. gigawatt na 1950} afgeleid van grieks gigas [reus, gigant].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

giga- (Grieks gigas)

P.H. van Laer (1949), Vreemde woorden in de natuurkunde, Groningen/Batavia.

Giga- (Lat. Gígas, gen. -ántis = Gr. Γίγας, gen. -αντος (Gígas, -antos);de Giganten waren mythische reuzen met slangevoeten, zonen van Gaea en Tartarus). Eerste lid in samenstellingen bij namen van eenheden om een milliardvoud van die eenheid aan te geven; aanbevolen in 1939 door den Natuurkundigen Raad van Nederland.

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

giga, informele afkorting van gigantisch. Ook in samenstellingen, zie giga-*. → mega*.

Grappig is ook de manier waarop hij praat, hij bedient zich namelijk veelvuldig van afkortingen. Zo heeft hij het over deca (decadent), popi (populair), giga (gigantisch), ari (a-relaxed), ordi (ordinair), mima (middelmatig). (Albert Gillissen en Hans Busman: Yuppie Yuppie Yeahh!, 1987)

giga-, zie citaat. Ook als naamw., zie giga*.

Een week later spreek ik Pep weer. Zojuist heeft hij een ‘giga-tegenvaller’ te verwerken gekregen. (Nieuwe Revu, 27/08/92)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal