Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

gezien - (voorzetsel)

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

gezien ‘voegwoord’ (bet. van Frans vu)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

gezien ‘voorzetsel: met het oog op’ -> Soendanees gĕsin ‘voorzetsel: met het oog op’.

gezien ‘geacht, geliefd’ -> Fries gesien ‘geacht, geliefd’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

gezien* voorzetsel 1921 [WNT zien]

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

692. Gezien zijn,

d.w.z. geacht zijn, in aanzien zijn, in tel zijn, de eigenschap van hem, dien men gaarne ziet; vgl. het mnl. gehoort, hij naar wien men gaarne luistert, wiens stem men graag hoort, geacht, gezien, en het 17de-eeuwsche ongezien, niet geacht, niet reçu zijn (Falkl. VII, 159). In het mnl. komt gesien in dezen zin voor; zie Mnl. Wdb. II, 1645; Ndl. Wdb. IV, 2216; vgl. ook het fr. être bien vu; être en vue; hd. gern gesehen sein, angesehen. In studententaal getapt zijn (eig. van drank, die veel getapt wordt, omdat hij lekker is; zie o.a. Zandstr. 44; De Arbeid, 13 Dec. 1913, p. 2 k. 3: Getapt als een rotte kool bij een groente-vrouw; Het Volk, 9 Jan. 1915, p. 6 k. 4: Hij was daar dan ook gezien als de rotte appel bij de groenvrouw (Harreb. I, 260 a; I, XXXVIII b: (als de geit bij eene groenvrouw).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut