Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

gezet - (geregeld; zwaarlijvig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

gezet bn. ‘geregeld; zwaarlijvig’
Mnl. gheset ‘vastgesteld’ in de gesette dinge die men uord ward mer houden sal ‘de vastgestelde zaken waaraan men zich van nu af aan zal houden’ [1236; CG I, 21]; hieruit vnnl. gesette tijden ‘met gelijkmatige tussenpozen terugkerende tijdstippen’ [1637; Statenbijbel, Jeremia 8:7]. Daarnaast ‘volgroeid’ in mnl. en ijongelinc ... wel gesettet dapper ende snel ‘een jongeman, goed gevormd, dapper en energiek’ [1265-70; CG II, Lut.K]; hieruit vnnl. ‘zwaarlijvig, te gevleesd’ zoals in haare lyven [waren] wat aan de poeselige en gesette kant [1657; WNT].
Verl.deelw. van → zetten of zich zetten in verschillende betekenissen als ‘vaststellen, regelen’ en ‘vormen, groeien’, waarvan sommige alleen bewaard zijn gebleven in dit tot bn. geworden verl.deelw.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

gezet* [vastgesteld, corpulent] {geset [bepaald, vastgesteld, volgroeid, volwassen, goed uitgegroeid] 1230-1231} verl. deelw. van middelnederlands setten [bepalen e.d., ook: beginnen te ontwikkelen (van knoppen)] (vgl. zetten).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

gezet ‘corpulent; vastgesteld, regelmatig’ -> Fries geset ‘corpulent; vastgesteld, regelmatig’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

gezet* corpulent 1647 [WNT]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal