Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

gevoelig - (vatbaar voor iets)

Etymologische (standaard)werken

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† gevoelig bnw., reeds mnl. (zeldzaam).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

gevoelig ‘aanzienlijk’ (bet. van Frans sensiblement)
-gevoelig (vert. van Duits -empfindsam)

S. Theissen (1978), Germanismen in het Nederlands, Hasselt

-gevoelig

Sommige puristen beschouwen de samenstellingen van een substantief met -gevoelig, bijv. conjunctuurgevoelig, lichtgevoelig als onnederlands (D. ‘-empfindlich’).

Het enige woordenboek dat een van deze samenstellingen, nl. vorstgevoelig, verwerpt, is Van Dale. Hij zegt echter niet uitdrukkelijk dat het een germanisme (D. ‘frostempfindlich’) is maar noemt het een af te keuren verkorting van ‘voor vorst gevoelig’.

Andere samenstellingen, zoal conjunctuur-, kleur-, licht- en seizoengevoelig worden algemeen goedgekeurd, zelfs door Van Dale. Dit type is trouwens produktief aan het worden. In de kranten zal men dan ook samenstellingen aantreffen die nog niet in de woordenboeken staan, zoals de twee volgende:

’...even prijsbewust als sfeergevoelig.’ (Het Parool, 13.10.72, p. 36)
‘Deze kinderen zijn mode-gevoelig...’ (Elseviers Magazine, 13.3.71, p. 83)

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

gevoelig ‘duidelijk voelbaar, moeilijk te bespreken’ -> Negerhollands gevoelik ‘duidelijk voelbaar, moeilijk te bespreken’.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal