Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

gedoogbeleid - (het toestaan van wettelijk verboden activiteiten)

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

gedoogbeleid, beleid waarbij iets dat niet geduld kan worden toch oogluikend wordt toegestaan, bijvoorbeeld straatprostitutie of het verhandelen van softdrugs. Sinds eind jaren zeventig. → gedoogsteun*.

Gedoogbeleid: beleid dat datgene wat eigenlijk niet door de beugel kan toch, al dan niet oogluikend of met een knipoog, toestaat; gemeenten die hierin vooroplopen, zijn zogenaamde gedooggemeenten; aan het hoofd hiervan staat een zogenaamde gedoogburgemeester. (Albert Hofstede: Parlementaal. Een verwarrend woordenboekje, 1991)
Ook de landelijke overheid verdient overigens aan de verkoop van softdrugs. Via de fiscus incasseert het Rijk jaarlijks vele miljoenen guldens van de 1290 coffeeshops. Op hun beurt mogen de exploitanten van coffeeshops de bij een inval geconfisqueerde softdrugs als aftrekpost opvoeren. Het tekent de hypocrisie van het gedoogbeleid. (Elsevier, 04/01/97)
Net als voetbalteams en gedoogbeleid, zijn grote Nederlandse ondernemingen iconen van nationale trots. (HP/De Tijd, 10/01/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut