Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

floppen - (mislukken)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

flop zn. ‘mislukking’
Nnl. flop ‘id.’ [1961; WNT Aanv.].
Ontleend aan Engels flop ‘mislukking’ [1893; OED], een afleiding van het werkwoord flop ‘flappen, ploffen’ [1602; OED], oorspr. een klankexpressief woord, variant van flap, zie ook → flap.
floppen ww. ‘mislukken’. Nnl. in alle singles flopten [1970; WNT Aanv.]. Afgeleid van flop.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

floppen (Engels to flop)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut