Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

fideel - (vertrouwelijk; vrolijk, lustig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

fideel bn. ‘vertrouwelijk; vrolijk, lustig’
Vnnl. fideel ‘betrouwbaar, oprecht’ [1553; van den Werve], niet al te fideel gemanieert ‘niet al te deugdelijk beheerd’ [1633; WNT verachtering]; nnl. fideel, ook ‘welgemutst, lustig’ [1847; Kramers], dat was me daar een weergasche fideele boel! ‘dat was me daar een buitengewoon vrolijke boel!’ [1877; WNT weergaas(ch)].
Ontleend aan Frans fidèle ‘betrouwbaar, oprecht’ [1533; Rey], dat teruggaat op Latijn fidēlis ‘getrouw’, een afleiding van fidēs ‘trouw’, dat Indo-Europees verwant is met → beiden ‘wachten’. De tweede betekenis ‘vrolijk’ is later overgenomen van Duits fidel ‘vrolijk’ [18e eeuw; Pfeifer], een Duitse betekenisontwikkeling bij hetzelfde Latijnse woord.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

fideel [trouwhartig] {1637} < frans fidèle < latijn fidelis [(ge)trouw, betrouwbaar], van fides [trouw] (vgl. fiducie).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

fideel bnw. < nhd. fidel, duits studentenwoord (kort voor 1754) in de zin van ‘vrolijk’, maar eig. lat. fidēlis ‘trouw’, dat over fra. fidèle ook leidde tot ouder-nnl. fideel ‘getrouw, betrouwbaar’.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† fideel bnw., laat-nnl. uit het du. studentenwoord fidel < lat. fidêlis. Uit fr. fidèle ouder-nnl. fideel ‘getrouw, betrouwbaar’.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

fideel ‘trouw’ (Frans fidèle); ‘prima’ (Duits fidel)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

fideel trouwhartig 1637 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut