Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

feuilleton - (vaste rubriek of vervolgverhaal in krant of tijdschrift)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

feuilleton zn. ‘vaste rubriek of vervolgverhaal in krant of tijdschrift’
Nnl. feuilleton ‘literaire bijlage van een dagblad’ [1847; WNT], ‘vervolgverhaal onderaan de bladzijde van een krant’ [1888; Nieuwsblad van het Noorden], ‘verhaal of deel van een verhaal’ [1898; Kuipers], in afleveringen, als feuilleton [1907; Wolters EN], feuilleton ‘vervolgverhaal in een periodiek’ [1956; Koenen].
Ontleend aan Frans feuilleton ‘regelmatige bijlage onderaan een pagina’ [1811; Rey] en ‘vervolgverhaal in een periodiek’ [1869; Rey], eerder ‘klein schriftje met blaadjes’ [1790; Rey], afgeleid van feuillet ‘blad van een boek’. Oorspr. is dat het verkleinwoord van feuille ‘blad’, dat is ontwikkeld uit Laatlatijn folia, zie → folie.
Een van de destijds populairste Parijse dagbladen, Le Journal des Débats, reserveerde in 1800 voor het eerst een deel van de bladruimte voor een rubriek getiteld Feuilleton du Journal des Débats. Hierin verschenen theaterrecensies, als dekmantel voor de impliciete kritische bespiegelingen over de actuele politiek. Het toegankelijke taalgebruik en de behandelde onderwerpen maakte het feuilleton zeer populair en vele kranten, door de culturele status van Frankrijk ook in het buitenland, namen het concept en het woord over. Het feuilleton werd een verzamelplaats voor niet-politieke informatie, literaire, wetenschappelijke en culturele nieuwtjes, maar vooral ook van kritische en spraakmakende opstellen door speciaal daarvoor aangestelde auteurs (de feuilletonist), vergelijkbaar met de hedendaagse column en in lichtere mate met het verouderde cursiefje (zie → cursief). Ook fictie kreeg een plaats, en dan in het bijzonder vervolgverhalen.
Het is vooral dat laatste aspect, dat van de vervolgverhalen, dat in het Nederlands werd overgenomen. In andere talen gebeurde dat bijvoorbeeld met het aspect ‘lichte literatuur’ (Spaans folletín ‘keukenmeidenroman’), ‘cultuur’ (Duits Feuilleton ‘culturele rubriek van een krant’), ‘wetenschap’ (Oostenrijks-Duits Feuilleton ‘populair-wetenschappelijk opstel’) en in het Frans is de betekenis van feuilleton in de hedendaagse taal vernauwd tot ‘televisieserie, soap’. In sommige voormalige oostbloklanden bleef het feuilleton in de 20e eeuw net als in het 19e-eeuwse Frankrijk een uitlaatklep voor kritische journalisten en dissidenten, vandaar nog steeds bijv. Tsjechisch fejeton ‘column, kritisch opstel’.
In het BN was mengelwerk lange tijd een gebruikelijk purisme voor feuilleton.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

feuilleton [vervolgverhaal] {1847} < frans feuilleton, verkleiningsvorm van feuille (vgl. feuilletee); feuilletons waren oorspr. losse blaadjes als bijlagen van nieuwsbladen.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

feuilleton (Frans feuilleton)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

feuilleton vervolgverhaal 1847 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut