Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

extern - (uitwendig)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

extern bn. ‘uitwendig’
Nnl. extern ‘id.’ [1658; Meijer], ‘uiterlijk’ [1824; Weiland].
Ontleend aan Frans externe ‘uiterlijk, uitwendig’ [1600] < Latijn externus ‘uiterlijk, uitwendig’, afgeleid van bn. exter(us) ‘zich buiten bevindend’, een afleiding (comparatiefformatie) van het voorzetsel ex ‘uit, van ... weg’, zie → ex-. Zie ook → intern.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

extern [uitwonend, buiten iets liggend] {1669} < frans externe [idem] < latijn externus [zich buiten bevindend, buitenlands, uitheems], van exter (vgl. exterieur).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

extern ‘uitwonend, buiten iets liggend’ -> Indonesisch ékstérn ‘uitwonend, buiten iets liggend’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

extern uitwonend, buiten iets liggend 1669 [MEY] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal