Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ervaren - (ondervinden, meemaken)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

ervaren ww. ‘ondervinden, meemaken’
Mnl. ick my hierop ervaeren heb ‘ik heb mij hierover geinformeerd, ik ben door onderzoek hierover aan de weet gekomen’ [1343-71; MNW], verbijt ende dodet al datsi ... ervaren mach ‘bijt alles dood wat ze daar kan vinden, bemerken, aantreffen’ [1415-35; MNW-R], ervoeren sine daer ‘zouden zij hem daar aantreffen, gewaarworden’ [1415-35; MNW-R]; vnnl. watmen hervaert ‘wat men ondervindt, meemaakt’ [1605; WNT].
Ontleend aan mhd. ervarn ‘ondervinden, ervaren, etc.’ of onder invloed van het mhd. gevormd uit het voorvoegsel → er- ‘door, geheel’ en het Middelnederlandse varen ‘gaan, reizen’, zie → varen 2; de oorspr. betekenis is ‘doorreizen, reizen door’.
Ohd. irfaran ‘doorreizen’ (mhd. ervarn, nhd. erfahren ‘vernemen, te weten komen; ervaren; ondergaan’).
Uit de betekenis ‘reizen door’ ontstaat de betekenis ‘(door reizen) een streek leren kennen’, dan algemener ‘leren kennen, aan de weet komen’ en ‘bemerken, gewaarworden, aantreffen’. In het Vroegnieuwnederlands ontwikkelt zich ten slotte de huidige betekenis ‘ondervinden, meemaken’.
ervaren bn. ‘door ondervinding bekwaam’. Vnnl. een eruaren man ‘een ervaren man’ [1573; Thes.], ervaeren inden Reden-rijcken const ‘doorkneed in de rederijkerskunst’ [1596; WNT verjolijsen]. Verl.deelw. van het werkwoord. ♦ ervaring zn. ‘door ondervinding verkregen bekwaamheid; meegemaakt voorval’. Vnnl. eruaringe ‘ondervinding’ [1573; Thes.], in ervaringe komen ‘ter kennis komen, duidelijk worden’ [1629; WNT vrouwspersoon], de ervaringh volgen ‘de loop der gebeurtenissen volgen’ [1634; WNT zuidwaarts], ervaringh ‘ondervinding’ [1634l WNT weetlust]. Gevormd uit het werkwoord ervaren met het achtervoegsel → -ing.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ervaren [ondervinden] {1420 in de betekenis ‘vinden, bemerken’} < middelhoogduits ervarn, van er + varen [eig.: door reizen ondervinding opdoen].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ervaren ww., mnl. ervāren ‘vinden; bemerken; bereiken’ < mhd. ervarn ‘leren kennen, bekend worden met, ondervinden’; samenst. van er- 2 en varen.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

er- II, mnl. er-.= onfr. ir- (naast re-), ohd. ar-, ir-, ur- (nhd. er-), mnd. er-, os. ofri.ags. ā̌-, got. us-, uz- (ur-), verbaalprefix. = het. betoonde nominaalprefix oor-. In het Mnl komt er- bijna alleen in limb. teksten voor (vaak = westmnl. ver-). Het er-, dat wij in eenige nndl. woorden (in de volkstaal ongebruikelijk) vinden, is onder duitschen, gedeeltelijk misschien ook oost-ndl. invloed opgekomen: (mijns) erachten(s) (nog niet bij Kil.), erbarmen (reeds oostmnl.: zie barmhartig, ontfermen), erkennen (reeds oostmndl.), erlangen (mnl. in het Ordelboek van den Etstoel van Drenthe), ervaren (het ww. reeds mnl.; het bnw. in den Teuth.). Vgl. her-.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

ervaren o.w., Mnl. id. + Hgd. erfahren = door varen (d.i. reizen) vernemen.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

ervaren (Duits erfahren)

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Erlangen. Het voorvoegsel er bet. een verkrijgen door middel van de werking, hier langen, een denominatief van lang, en bet.: in de lengte uitstrekken om het te bereiken. (Vgl. handlanger = handreiker.) Evenzoo ervaren = door varen, reizen verkrijgen.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ervaren ondervinden 1420 [MNW] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut