Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

dronkenlap - (dronkaard)

Etymologische (standaard)werken

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

dronkenlap znw., ospr. twee woorden. Woorden met de bet. “lap, doek” worden vaak in minachtenden zin van menschen gebruikt; zie slet.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

dronklap s.nw.
Iemand wat gedurig dronk is.
Uit Ndl. dronke(n)lap. Eerste optekening in Afr. by Kern (1890).
Die tweede lid van Ndl. dronke(n)lap uit die eerste lid van die samestelling lapzwans 'vent van niks' uit Jiddisch Lappschwanz, met lg. uit D. läppisch 'onbeholpe, onnosele' en Schwanz 'stert'.
Vanuit Afr. in S.A.Eng. (1959).

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

dronklap: “verslaafde aan st. drank”; Ndl. dronke(n)lap (vgl. nog in Afr. i.v.m. pers.: smeerlap, suiplap, teerlap).

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

dronkenlap: dronkaard. Synoniem: zatlap. Lap was vroeger een benaming voor een dronkaard. Bij Cornelissen en Vervliet: ‘De lappen zijn weer op zwier.’

Natuurlijk vort – bij de rooie. Akelige dronkelap! (Herman Heijermans, Op hoop van zegen, 1900)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

dronkenlap ‘dronkaard’ -> Zuid-Afrikaans-Engels dronklap ‘dronkaard’ .

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal