Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

dossier - (verzameling geschriften over één onderwerp)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

dossier zn. ‘verzameling geschriften over één onderwerp’
Nnl. dossier ‘id.’ [1856; WNT], ‘zaak, kwestie’ [1994; Reinsma 1999].
Ontleend aan Frans dossier ‘zaak, kwestie’ [1586; Rey], afleiding van Frans dos ‘rug’ < vulgair Latijn dossum < Latijn dorsum ‘rug’, een woord waarvan de verdere herkomst onduidelijk is.
Bij de betekenis ‘dossier’ in het Frans moet gedacht worden aan de rugomslag die om een bundel geschriften wordt gedaan om deze bij elkaar te houden en te indentificeren. Opvallend aan dit woord in het Nederlands is dat de NN uitspraak met /-sjē/ gebaseerd is op de Franse uitspraak, terwijl het BN de spellinguitspraak op /sīr/ heeft.

EWN: dossier zn. 'verzameling geschriften over één onderwerp' (1856)
ANTEDATERING: de dossier van een dertigjarig geding [1837; Gazette 12/5]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

dossier [papieren over één onderwerp] {1856} < frans dossier [o.a. achterkant, ordner, dossier], van dos [rug, achterkant] < latijn dorsum [rug], via een geassimileerde vorm dossum.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

dossier znw. o. ‘bundel van stukken’ < fra. dossier afgeleid van dos ‘rug’ en bet. oorspr. ‘rugleuning’, dan ‘omslag om een aktenbundel’, eindelijk deze acten zelf.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

dossier s.nw.
Stukke wat op 'n bepaalde regsaak of misdadiger se rekord betrekking het.
Uit Ndl. dossier (1856).
Ndl. dossier uit Fr. dossier (1680) 'bundel aktes', met lg. van dos 'rug', wsk. so genoem vanweë die etiket op die rug daarvan, met dos uit Latyn dossum, 'n wisselvorm van dorsum 'rug'. Die stukke word mntl. ook so genoem omdat 'n lêer vol aktes uitbult op 'n manier wat aan die kromming van 'n rug herinner.
D. Dossier (19de eeu), Eng. dossier (1880), Port. dossiê, Sp. dosier.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

dossier (Frans dossier)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

dossier ‘papieren over één onderwerp’ -> Indonesisch dosir ‘papieren over één onderwerp’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

dossier papieren over één onderwerp 1856 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut