Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

dikte - (de afmeting dik, het dik-zijn)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

dik bn. ‘van grote omvang’
Onl. in de plaatsnaam Thicabusca ‘Dikkebus (West Vlaanderen)’ [1089; Gysseling 1960], Thichebus [1085-93; Claes 1994a]; mnl. witte dicke say. ende witte dinne say ‘witte dikke saai en witte dunne saai’ [1285; CG 1, 1110].
Ohd. dicki ‘dik, dicht’, (mhd. dic(ke), nhd. dick bn. ‘dik, dicht’); ofri. thikke ‘talrijk’, oe. đicce, (ne. thick); on. þykkr, þjukkr, þjokkr ‘dik, dicht’ (nde. tyk, nzw. tjock); < pgm. *þeku-.
Buiten het Germaans alleen verwant met Oudiers tiug ‘dik’, Bretons teo ‘dik’ < pie. *tegu- ‘dik’ (IEW 1057). Gezien de geringe verspreiding gaat het wrsch. om een substraatwoord.
dikte zn. ‘de afmeting dik, het dik zijn’. Mnl. in die dicte van enen nagle ‘ter dikte van een nagel’ [1351; MNW-P], vnnl. dickte ‘afmeting’ [1553; WNT zaal I], ‘het dichtbegroeide deel’ [1599; WNT]. Gevormd uit dik met → -te. In het Middelnederlands gebruikte men voornamelijk het zn. dicke ‘dikheid, afmeting’ (Oudsaksisch thikki ‘dikte’ en Oud-Oost-Fries thiucke ‘breedte en lengte samen’), dat sedert de 16e eeuw geheel wordt verdrongen door dikte. ♦ koffiedik zn. ‘bezinksel van koffie’. Nnl. koffijdik [1811; WNT waarzeggen].

EWN: ♦ koffiedik zn. 'bezinksel van koffie' (1811)
ANTEDATERING: de figuuren van het gezonke dik der Koffy (bron van voorspellingen) [1735; Van Effen, 223]
Later: de zotheid om het toekomende uit koffy-dik … te voorspellen [1768; Vad.lett. 2, 245] (EWN: 1811)
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

dikte ‘de afmeting dik, het dik zijn’ -> Fries dikte ‘de afmeting dik, het dik zijn; opzwelling’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

dikte* de afmeting dik, het dik-zijn 1351 [MNW]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal