Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

degraderen - (in rang verlagen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

degraderen ww. ‘in rang verlagen’
Mnl. degradeeren ‘uit een ambt zetten (met name van geestelijken)’ [ca. 1350; MNHWS]; vnnl. degradeeren ‘ontridderen’ [1645; WNT ridderen I], gedegradeert ‘in (militaire) rang verlaagd’ [1651; WNT Aanv.], gedegradeerd ‘in waarde of aanzien verminderd’ [1933; WNT Aanv.], degraderen ‘in rang verlaagd worden’ [1966; Koenen]. Daarnaast in dezelfde betekenis mnl. ontgraden [1300-25; MNW-R] en entgradiren ‘Latijn degradare’ [1240; Bern.].
Via Frans dégrader ‘in rang verlagen’ [1174; Rey] ontleend aan christelijk Latijn dēgradāre ‘verlagen, verminderen’, gevormd uit dē- ‘weg van’ (zie → de-) en het zn. grādus ‘trede, rang’ (zie → graad).
De betekenisontwikkeling in het Nederlands volgt het Frans met de uitbreiding naar het militaire domein [ca. 1570; Rey]. De Franse veralgemening naar ‘vernederen’ [1342; Rey] en ‘vernielen’ [ca. 1593; Rey] heeft het echter niet overgenomen. Oorspr. is degraderen een overgankelijk werkwoord, maar vanaf de tweede helft van de 20e eeuw wint ook het onovergankelijk gebruik terrein. Dit is een algemene tendens in het Nederlands en wordt in dit geval wellicht mede beïnvloed door de hoogfrequente constructie met het verl.deelw. gedegradeerd zijn, waaruit overgankelijkheid niet is af te leiden.
degradatie zn. ‘verlaging van rang’. Nnl. degradatie ‘verlaging van rang’ [1663; Meijer]. Ontleend aan Frans dégradation ‘degradatie’ [1486; Rey] < middeleeuws Latijn dēgradātiō ‘verlaging, vermindering’, een afleiding bij het werkwoord dēgradāre.

EWN: ♦ degradatie zn. 'verlaging van rang' (1663)
ANTEDATERING: Suspensien, degradatien 'schorsingen, verlagingen in rang' [1555; Bale, Q3v]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

degraderen [in rang verlagen] {ca. 1350} < frans dégrader < middeleeuws latijn degradare [idem], van de [van … weg, neer] + gradus [schrede, trede van ladder, graad, rang], verwant met gradi [schrijden].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

degradeer ww.
1. In rang verlaag. 2. In gehalte agteruit (laat) gaan, verneder (word).
Uit Ndl. degraderen (al Mnl. in bet. 1, 1645 in bet. 2).
Ndl. degraderen uit Fr. dégrader uit Oudfrans degrader (12de eeu) uit Latyn degradare 'in rang verlaag', 'n afleiding met de- 'neer' van gradus 'trap van leer, rang, graad'.
D. degradieren (14de eeu), Eng. degrade (ongeveer 1325), It. degradare, Port. degradar, Sp. degradar.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

degraderen in rang verlagen 1350 [HWS] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal