Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

dading - (vergelijk, transactie)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

dading* [transactie] {dagedinc, dadinc [gerechtstermijn, gerechtszitting, minnelijke schikking] 1288} oudsaksisch dagething, oudhoogduits tagading, oudfries deithing [gerechtstermijn]; van dag + (ge)ding; het verouderde woord is opnieuw ingevoerd in het Burgerlijk Wetboek van 1838. Hiervan afgeleid verdedigen.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

dading znw. v., mnl. dādinc, dāding ‘gerechtstermijn: rechtszitting; minnelijke overeenkomst; twist, geschil’. In de betekenis ‘transactie’ werd het woord op nieuw in gebruik genomen in het Burgerlijk Wetboek van 1838.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

dading (transactie). Archaïstisch woord, door het Burgerlijk Wetboek van 1838 weer ingevoerd. Zie verdedigen.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

dading v., Mnl. dadinc, daghedinc: z. verdedigen.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Dagen (voor ’t gerecht), letterlijk een dag voor de rechtszitting vaststellen: „onthoud je dag!” Dag kreeg hieruit de bet. van rechtszitting zelf; vgl. Dagvaart: reis naar de rechtszitting; dagvaarden: ter dagvaart oproepen. Ook dading, bijv. „een dading aangaan”, behoort hierbij; ’t staat voor ’t Mnl. dagedinc of dagedingh = rechtsgeding, proces op een bepaalden dag. Zie Verdedigen en Ding.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

dading ‘vergelijk buiten de rechtszaal, transactie’ -> Indonesisch dading ‘vergelijk buiten de rechtszaal, transactie’.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

Nieuw Burgerlijk Wetboek [het burgerlijk recht regelt de verhoudingen en betrekkingen tussen burgers onderling] (1838). In 1838 worden het Nieuw Burgerlijk Wetboek, het Wetboek van Koophandel en het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering ingevoerd ter vervanging van de Code Napoléon (alleen de Franse Code Pénal, het wetboek van strafrecht, blijft nog tot 1886 van kracht). In deze nieuwe wetboeken komen juridische termen voor die al in de zeventiende eeuw bij Hugo de Groot te vinden zijn, en die tot op heden gebruikt worden, zoals dading, erfdienstbaarheden, handlichting, natrekking, onderzetting, vennoot, vennootschap, verjaring en versterf.
Wetboek van Koophandel [codificatie van het handelsrecht] (1809). In 1809 wordt dankzij koning Lodewijk Napoleon een ontwerp voor een Wetboek van Koophandel opgesteld. Het zou echter pas in 1838 (in gewijzigde vorm) worden ingevoerd.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

dading* vergelijk, transactie 1288 [MNW]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut