Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

crapuul - (gespuis)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

crapuul [gespuis] {crapule [zwelgerij] 1832; als ‘gespuis’ 1847} < frans crapule [zwijnerij, janhagel, smeerlap], van middeleeuws latijn crapulatus [dronken], crapula [roes, brasserij] < grieks kraipalè [drinkgelag, roes, kater]; het engels crapulent behield de oorspr. betekenis ‘ziek van onmatig eten of drinken’.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

crappuul (zn.) zootje, tuig; Middelnederlands crapuul <1847> < Frans crapule.

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

crapuul: onbeschaafd persoon; gemeen iemand. Vaak ook als meervoudsvorm voor gespuis; gepeupel; uitschot. Komt van het Franse crapule, dat is overgenomen uit het Latijn, waar crapula roes, ‘brasserij’ betekent. In de (communistische) oproep die kort voor de Februaristaking in 1941 in Amsterdam verspreid werd, om te protesteren tegen de Jodenvervolgingen, komt de spelling scrapuul voor: ‘Hier was het uitschot en het “scrapuul” van het Duitse volk aan het werk.’

Ze schijnen nogal lastig te zijn geweest, want nog altijd noemt men in Amsterdam het minste soort van menschen, het ‘crapule’ of ‘valderappes’; vee van de richel. (De Groene Amsterdammer, 09/08/1914)
Je bent al net zo doortrapt als het krapuul waar je bij thuis hoort, boef!! (Willem van Iependaal, Polletje Piekhaar, 1935)
Gerard, dat onbehouwen stuk crapuul. (W.F. Hermans, Uit talloos veel miljoenen, 1981)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

crapuul gespuis 1847 [KKU] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut