Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

courage - (moed)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

courage [moed] {1548} < frans courage, van cœur [hart, moed] < latijn cor [hart] (vgl. cordiaal).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

couraasj (zn.) moed; Nuinederlands courage <1548> < Frans courage.

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

koerasie s.nw.
1. Moed, dapperheid, durf. 2. Soort bravade of manhaftigheid wat deur die gebruik van sterk drank aangewakker word. 3. Seksuele viriliteit of oormoed.
In bet. 1 vervorm uit Ndl. courage (1548). Bet. 2 en 3 het in Afr. self ontwikkel.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

courage ‘moed’ ->? Deens courage ‘moed’; Negerhollands koeraasch(i), curagie, kuraši ‘moed; dapper’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

courage moed 1548 [WNT wolf] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut