Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

concurrentie - (mededinging)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

concurreren ww. ‘wedijveren, mededingen’
Vnnl. ‘samengaan, overeenstemmen’ in in welcke concurreren moeten drie saken ‘waarbij drie feiten moeten gelden’ [1555; WNT putier], ‘met andere schuldeisers aanspraken delen’ in Dat alle de crediteuren ... concurreren zullen in deelijnghe tot verhalinghe van haeren schulden [1531; WNT]; nnl. ‘mededingen naar het behalen van voordeel’ [1829; WNT voorzanger].
Ontleend aan Latijn concurrere ‘te hoop lopen, slaags raken’ (zie ook → concours), gevormd uit → com- ‘samen, met’ en currere ‘rennen’, zie → coureur.
De betekenis ‘samengaan, overeenstemmen’ is al in de eerste helft van de 19e eeuw verdwenen. Het specifieke gebruik van het woord met betrekking tot schuldeisers (nog bij Dale 1872 als tweede betekenis) verliest dan ook terrein; tegenwoordig wordt alleen de betekenis ‘mededingen’ nog algemeen gebruikt.
concurrent zn. ‘mededinger’. Vnnl. concurrent ‘schuldeiser’ [1659; WNT], als bn. al concurrent ‘overeenstemmend’ [1612; Stall.]; nnl. ‘mededinger’ [1863; WNT]. Via Frans concurrent ‘mededinger, rivaal’ [1549; Rey] (eerder als bn. ‘samenlopend (astronomie)’ [1119; Rey]) uit Latijn concurrēns, teg.deelw. bij concurrere. ♦ concurrentie zn. ‘mededinging’. Vnnl. ‘gelijkgerechtigheid (van schuldeisers)’ [1582; Stall.], ‘samenloop, het meedelen’ [1663; Meijer]; nnl. ‘mededinging’ [1872; WNT]. Ontleend aan Frans concurrence ‘mededinging’ [16e eeuw; Rey], eerder ‘ontmoeting’ [1370; Rey].

EWN: concurreren ww. 'wedijveren, mededingen'; de betekenis 'mededingen' (1829)
ANTEDATERING: indien 'er meerder … ter mededinginge mogten concurreeren [1781; Prysvraagen, 10]
EWN: ♦ concurrent zn. 'mededinger' (1612)
ANTEDATERING: eerst als bn. in concurrente remedie 'gelijkwaardig rechtsmiddel' [1564; Van den Keere, 47]
EWN: ♦ concurrentie zn. 'mededinging' (1582)
ANTEDATERING: preferentie ende concurrentie 'voorrang en gelijkgerechtigdheid' [1570; iWNT preferentie]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

concurrentie ‘het concurreren’ -> Indonesisch kongkurénsi, konkurénsi ‘het concurreren’.

Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

gaskachel [kachel die met gas gestookt wordt] (1866). In de negentiende eeuw neemt de verwarming met gaskachels neemt enorm toe: vanaf 1866 verschijnen er advertenties voor gaskachels in de kranten. Neerlandicus Jan te Winkel constateert in het gedenkboek Eene halve eeuw 1848-1898: “De gassen waren in de natuurwetenschap al lang bekend, toen omstreeks het midden onzer eeuw het lichtgas in de algemeene spreektaal werd ingevoerd door het stichten van gasfabrieken, het werken der met huid en haar van de Engelschen overgenomen gasfitters, het in gebruik brengen van gaslantaarns, gaslampen, gaskranen, gasornamenten, gashouders, gasmeters, gaskomforen, gaskachels en gasgloeilicht. Het Engelsche “burner” vertaalden wij met brander, dat als marinenaam uit den tijd onzer zeeoorlogen nog maar alleen in de herinnering voortleefde. In concurrentie (ook dat woord is eerst allengs in de spreektaal gekomen) daarmee zag men al spoedig de petroleum verschijnen, aanvankelijk door het volk meestal peterolie of petroléum genoemd. De lucifer dagteekent reeds van even vóór 1850, maar zonder zwavel van een tiental jaren later. Deze heet nog altijd Zweedsch, ofschoon hij tegenwoordig ook elders dan in Zweden wordt vervaardigd. Intusschen is met de zaak ook het woord “zwavelstok” bijna geheel in onbruik geraakt. De vroegere quaestie of “open haard” een pleonasme was, is reeds lang van de baan. De “huiselijke haard” bestaat bij velen nog maar in de verbeelding of de herinnering: nu moet men van de huiselijke vulkachel spreken, als men zich niet te rhetorisch wil uitdrukken. Als verbeterde inrichting der openbare brandblussching heeft men in de tweede helft onzer eeuw in verschillende steden onder Duitschen naam eene brandweer ingevoerd, en woorden gemaakt als brandschel en brandkraan. Ook eene samenstelling als stoombrandspuit was met de zaak voor vijftig jaar nog onbekend, en lang zal het niet meer duren of niemand weet meer, wat “brandemmers” zijn.”

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut