Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

conciërge - (huisbewaarder)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

conciërge zn. ‘huisbewaarder’
Mnl. concierge ‘(stad)huismeester’ [1476; MNW]; vnnl. den concierge vanden schepenhuuse ‘de deurbewaarder van het schepenenhuis’ [1521-22; Debrabandere 1994], concierge ‘iemand die een (openbaar) gebouw of de toegang daartoe bewaakt’ [1549; WNT kastelein].
Ontleend aan Frans concierge [ca. 1220; Rey] ‘portier, huisbewaarder’, ouder cumcerge [1195; Rey]. De herkomst is niet geheel duidelijk, maar wrsch. < middeleeuws Latijn consergius [12e eeuw], dat zou teruggaan op vulgair Latijn *conservius < *conservus ‘knecht, medeslaaf’, wrsch. onder invloed van conserviens ‘mededienend’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

conciërge [huisbewaarder] {concierge [stadhuisbediende] 1476} < frans concierge < oudfrans concerge [bewaker, verdediger, bewaarder] < middeleeuws latijn consergius, concerg(er)ius [paleiswachter], van com- [samen] + servire [als slaaf dienen, diensten bewijzen, zich wijden aan], van servus [slaaf, dienaar].

P.H. Schröder (1980), Van Aalmoes tot Zwijntjesjager, Baarn

conciërge

Men heeft twee verklaringen van het woord conciërge, dat wij gebruiken voor huisbewaarder, deurwachter, cipier. Sommigen zoeken in het Latijn en denken aan con-(samen) en circa (rondom) waarvan het Italiaanse cercare en het Franse chercher afstammen. De conciërge zou dus de man zijn die (samen met anderen?) rondgaat om een huis te doorzoeken.

Volgens anderen is conciërge een vervorming van comte des cierges (kaarsen, toortsen), een titel die Hugo Capet zou hebben verleend aan zijn gevangenbewaarder. Daarmee is wel in overeenstemming dat het woord conciergerie wordt gebruikt zowel voor de woning van de burgvoogd als voor gevangenis, speciaal die in Parijs, waar o.a. Marie Antoinette haar laatste levensdagen doorbracht.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

conciërge huisbewaarder 1569 [WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut