Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

complice - (medeplichtige)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

complice zn. ‘medeplichtige’
Mnl. complice, complyce ‘medeplichtige’ [1467-90; MNHWS]; vnnl. complicen (mv.) ‘medeplichtigen’ [1503-16; WNT Aanv.], complisse ‘mede-erfgenaam’ [1508; Stall.], complicen (mv.) ‘metgezellen, medewerkers’ [1521; WNT Aanv.].
Ontleend aan Oudfrans complice, ouder complisse ‘medeplichtig(e)’ [1327; Rey] < middeleeuws Latijn complicem, accusatief van complex ‘verwikkelde (in), bondgenoot, deelnemer’, afgeleid van het werkwoord complectī, zie → complex.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

complice [medeplichtige] {1467-1490} < frans complice < middeleeuws latijn complicem, 4e nv. van complex [medeplichtige, bondgenoot, volgeling], eig. verl. deelw. van complecti [omarmen, omvatten, insluiten] (vgl. complex).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut