Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

commiesbrood - (soldatenbrood)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

commies zn. ‘middelbare ambtenaar’
Vnnl. commys ‘ambtenaar die met een of ander toezicht belast is’ [1534; MNHWS], commis ‘belastingambtenaar’ [1577; WNT Vlaanderen], ‘rekenplichtig ambtenaar’ [1592; WNT Supp. avontuur], commijs ‘ambtenaar-koopman op schepen, i.h.b. van de VOC’ [1598; WNT voorstellen], ‘ambtenaar in het algemeen, klerk’ [1617; WNT].
Ontleend aan Frans commis ‘klerk, ambtenaar’ [1675; Rey], dat een verzelfstandiging is van het bn. commis ‘die een taak heeft’ [1329], verl.deelw. van commettre ‘opdragen; verrichten’ < Latijn committere, zie → commissie. De benaming is wrsch. ontstaan door uitdrukkingen als être commis a ‘iets opgedragen krijgen’.
commiesbrood zn. ‘soldatenbrood met veel zemelen’. Vnnl. (spelling onbekend) ‘grof soldatenbrood’ [ca. 1605; WNT]; nnl. commis-brood ‘id.’ [1740; WNT regel I]. Ontleend aan Duits Kommissbrot [16e eeuw; Pfeifer]. Duits Kommiss betekent ‘militaire troep, leger’, maar de oorspr. betekenis was ‘legervoorraad’, vandaar ‘soldatenproviand, soldatenbrood’ in Kommisbrot. Kommiss wordt door Kluge gezien als een verkorte vorm van Duits Kommission < Latijn commissiōnem, accusatief van commissiō ‘opdracht’, zie → commissie; aannemelijker is de verklaring (Pfeifer, EDuden) uit middeleeuws Latijn commissa, mv. van commissum ‘het samengebrachte’, het gesubstantiveerde verl.deelw. van Latijn committere.

EWN: ♦ commiesbrood zn. 'soldatenbrood met veel zemelen' (ca. 1605*, 1740)
ANTEDATERING: daer men geen Commis-Broot becomen can [1669; Van Aitzema, 228]
{* De eerste attestatie in EWN met de datering "ca. 1605" moet geschrapt worden. In het WNT wordt geen attestatie van het woord commiesbrood gegeven, maar een verordening waar dat woord uit te verklaren valt.}
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

commiesbrood [soldatenbrood] {1816-1817} < hoogduits Kommißbrot [idem], van Kommiß [militair, militaire dienst, ouder: verpleging van soldaten, proviand] + Brot [brood].

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† commiesbrood znw. o. (soldatenbrood). Uit hd. kommissbrot o., waarin het eerste lid = vroegnhd. kommiss v. ‘legervoorraad’ < lat. commissa.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

kommiesbrood o., uit Hgd. kommiszbrot, naar kommiszmeister = proviandmeester, met 1e lid verkort uit commission, dat gelijk ons commissie en Fr. commission, uit Lat. commissio, -ionem, van committere: z. kommies.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

commiesbrood soldatenbrood 1816-1817 [WNT] <Duits

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut