Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

clip - (klem, knijper; sierspeld)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

clip 1 zn. ‘klem, knijper; sierspeld’
Nnl. clip ‘sierspeld’ [1936; WNT Aanv.], ‘klemmetje aan vulpen’ [1939; WNT Aanv.], ‘paperclip’ [1941; WNT Aanv.], ‘oorbel met klemmetje’ [1949; WNT Aanv.].
Ontleend aan Engels clip ‘klem, knijper’, eerder al ‘haak om pot vast te houden’ [1345; OED], afleiding van het werkwoord clip ‘knijpen, omklemmen’ < Oudengels clyppan ‘omklemmen, omarmen, vasthouden’. Zie ook → paperclip.
Bij oe. clyppan hoort ook ofri. kleppa ‘omarmen’ < pgm. *klup(p)jan-, en het zn. ohd. chluppa (nog Oostenrijks-Duits Kluppe ‘klem, knijper’).
Misschien is er buiten het Germaans etymologische verwantschap met Litouws glěbti, glóbti ‘omvangen, omarmen’.
Lit.: Vooys 1954

EWN: clip 1 zn. 'klem, knijper; sierspeld' (1936)
ANTEDATERING: Vul-Penhouder-Clips [1911; Bataviaasch nieuwsblad (KB) 29/4]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

clip [(papier)klem] {1940} < engels clip [eig.: ‘omarming’, dan ‘knijper’], van to clip [omarmen], oudengels clyppan [omhelzen, beminnen], oudfries kleppa [idem].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

clip (Engels clip)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

clip ‘(papier)klem’ -> Indonesisch klip ‘paperclip’; Jakartaans-Maleis kelip ‘(papier)klem’ (uit Nederlands of Engels).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

clip (papier)klem 1940 [Posthumus] <Engels

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

clip (← Eng.), afkorting van videoclip*.

In haar clips speelt ze een feeks, maar in werkelijkheid is zangeres Guesch Patti een schatje. (Avenue, oktober 1988)
Een ‘clip’ is een kort stukje film of videoband, zoals een uittreksel uit een speelfilm of een reclameclip. Sinds het begin van de jaren tachtig denkt iedereen bij het horen van de term ‘clip’ echter vooral aan het soort vernuftig videogeweld waarmee popprogramma’s tegenwoordig voor een groot deel samengesteld worden. (Meerdere auteurs: Fenomenen van de jeugdcultuur, 1989)
Zij programmeren de metershoge computerkasten die ’s nachts non-stop clips en commercials uitbraken in het programma ‘Clip Gallery’. (HP/De Tijd, 23/05/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut