Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

chimaera - (monsterdier)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

chimaera [monsterdier, hersenschim] {1556} < latijn Chimaera < grieks Chimaira [mythisch monster met de vormen van een leeuw, een geit en een slang], naast chimaros [eenjarige bok], van cheima [winter].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2007), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Supplement, Stellenbosch

chimera s.nw.
Onpraktiese, onuitvoerbare idee, droombeeld, hersenskim.
Uit Ndl. chimaera (1556).
Ndl. chimaera uit Latyn chimaera 'eenjarige bok' uit Grieks chimaira 'bokooi', wat ook verwys na die Griekse mitologiese monster Chimaira, wat die kop van 'n leeu, die liggaam van 'n bok en die stert van 'n slang het.
D. Schimäre, Eng. chimera (1382), It. chimera, Sp. quimera.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

chimaera (Latijn chimaera)

T. Beijer en C.G.L. Apeldoorn (1996), Woordenboek van medische eponiemen, Houten

chimaera: een individu dat is samengesteld uit cellen van verschillende zygoten (cel ontstaan door fusie van twee haploïde gameten). In de psychopathologie bedoelt men met ‘chimaera’ een droom- of drogbeeld (Fr. chimère = hersenschim); bestralingschimaera: radiogeen teweeggebrachte chromosomenbeschadiging; chimaerismus (chimerisme): het vóórkomen van een chimaera, bijvoorbeeld bloedchimerisme bij niet-identieke tweelingen die samen één placenta hebben moeten delen. In de uterus kan hierdoor een vermenging van de bloed- en bloedvormende cellen plaatsvinden. Ook bij patiënten bij wie de bloedvormende cellen door bestraling vernietigd zijn, kan door donatie van bloedvormende cellen een chimerisme ontstaan.
Deze eponiemen komen van de Chimaera (Gr. chimaira = geit), een mythologisch vuurspuwend monster met het lichaam van een geit, de kop van een leeuw en een slangestaart. Het gedrocht was een nakomeling van Echinda en het geschubde monster Typhon. Ten slotte doodde Zeus de Typhon en hij begroef hem onder de Etna, waar het monster zijn vlammen bleef uitstoten. Echinda, zowel vrouw als slang, baarde niet alleen de Chimaera maar monsters als de Sphinx, de helhond Cerberus en de adelaar die Prometheus’ lever wegpikte. Tijdens haar slaap werd Echinda door de honderdogige Argus gedood.
De Chimaera terroriseerde het koninkrijk Lycië, aan de zuidkust van Klein-Azië. Vlammen spuwend at het verschrikkelijke monster iedere argeloze Lyciër op. De jonge held Bellerophon doodde de Chimaera met de hulp van zijn gevleugelde paard Pegasus in opdracht van de Lycische koning Iobates.

C.A. Backer (1936), Verklarend woordenboek van wetenschappelijke plantennamen

chimáéra, - Lat. transcr. van Gr. chimaira, vuurspuwend monster, dat den kop van een leeuw, het lichaam eener geit en den staart van een draak had. Als soortnaam gebezigd voor een plant met zonderling gevormde bloemen.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

chimaera monsterdier 1556 [WNT minst] <Latijn

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal