Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

buut - (mikpunt)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

but zn. ‘mikpunt, doel’
Vnnl. but ‘doel’ [1684; WNT rencontreeren]; nnl. bût ‘doel, oogmerk’ [1774; WNT zooveel], but ‘id.’ [1790; WNT relief I]. Als term in sport en spel meestal buut.
Ontleend aan Frans but ‘doel’, eerder al ‘grens, meet’ [1245; Rey], waarvan de herkomst niet geheel duidelijk is. Mogelijk gaat het terug op Frankisch *but ‘stronk, houtblok’ (verwant met het bn.bot), maar omdat but eerst verschijnt in Normandisch gebied moet met Rey eerder worden aangenomen dat het ontleend is aan de Oudnoordse vorm bútr ‘houtblok’; hierop wijst ook de lange klinker in het Frans. Invloed van Frans bout ‘eind, top, punt’ en butte ‘te bereiken plaats’ is niet denkbeeldig.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

buut [mikpunt] {but 1847} < frans but [oorspr. boomstomp, houtblok, stok, dan trefpunt van een projectiel (pijl)], uit het germ., vgl. middelnederlands but, bot [knook van een dier] (vgl. bot3).

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

buut mikpunt 1847 [KKU] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut