Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

buurman - (man die naast iemand woont)

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

buurman ‘man die naast iemand woont’ -> Duits dialect Büürman, Büürman ‘mand die naast iemand woont, helper’; Indonesisch birmang ‘man die naast iemand woont’; Ambons-Maleis birman ‘man die naast iemand woont’; Menadonees birman ‘man die naast iemand woont’; Negerhollands buurman, bierman, biren, birǝn ‘man die naast iemand woont’; Sranantongo birman ‘man die naast iemand woont’.

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

387. Al te goed is buurmans (of allemans) gek,

d.w.z. iemand die al te goed is, wordt het slachtoffer van zijn eigen goedheid. Zie Smetius, 67: Die alte goet is, is sijner nabuyren gek; Tuinman I, 228: Al te goed is zyn nabuurs gek; Harreb. I, 104 b. In het fri.: Al to goed is in oarmans gek; Taalgids IV, 246; Waasch Idiot. 261: Alte goed is allemans zot; 't Daghet XIII, 48: Al te goed is half zot; Antw. Idiot. 499: Veel te goed is half zot; Eckart, 174: Gôd is gôd, mar altô gôd is Allermanns Narr oder jedermanns Hunsfuet. Op Goeree en Overflakkee: Goedzak moet den zak ophouden.N. Taalgids, XIV 249.

388. Buurmans leed troost,

d.w.z. te weten, dat een ander ook leed heeft, verzacht eigen lijden. Deze meening vindt men reeds bij de klassieke schrijvers op verschillende plaatsen uitgedrukt. Vgl. Cicero, Tusc. Disput. III, c. 24, 58: Eorum, qui gravius ferunt, luctus aliorum exemplis leniuntur; zie verder Bebel, 237: Gaudium est miseris, socias habere poenarum; mnl. Esopet, 32, 13: Die merket op eens anders pine, te min vernoyet hem die sine; elders: Ghemeen oevel oft ghemeen ongeval dat rust wal; Goedthals, 28: Ghemeenen rauwe coelt wel, aux malheureux faict confort avoir compagnie en son sort; De Brune, 214: Een quaed ghemeen, dat is als gheen; 363: Geen troost zoo zoet, als datmen ziet, een ander in hetzelf' verdriet; hd. es ist armseligen ein Trost, ihres gleichen zu sehen; eng. company in distress makes the trouble the less.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut