Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

butea - (plantengeslacht)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

butea [plantengeslacht] {1898} < modern latijn butea, genoemd naar de Engelse staatsman John Stuart, 3rd Earl of Bute (1713-1792), die zich intensief met plantkunde bezighield.

Thematische woordenboeken

C.A. Backer (1936), Verklarend woordenboek van wetenschappelijke plantennamen

Bútea Koen. [J. G. Koenig], - genoemd naar John Stuart, derden graaf van Bute (1713, Edinburgh; 1792, Londen), van 1762-63 eerste minister van Groot-Brittanje en Ierland, bezitter van een paar bot. tuinen, schrijver van enkele bot. publicaties. Naar denzelfde is ook het gesl. Stewartĭa L. [C. Linnaeus] (Stuartĭa Auct. [der schrijvers, doch niet identiek met de door den oorspronkelijken beschrijver met denzelfden naam aangeduide soort (of gesl.)]) genoemd.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut