Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bruut - (gewelddadig; ruw)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bruut bn. ‘gewelddadig; ruw’
Mnl. bruut ‘lomp, onnozel’ [1340-50; MNW]; nnl. dat akelig, bruut gezicht ‘dat akelige, ruwe, gewelddadige gelaat’ [1905; WNT vrouw], brute jute ‘ruwe, onbewerkte jute’ [1912; WNT jute].
Ontleend via Frans brut ‘ruw’ [eind 13e eeuw; Rey] of wellicht ook rechtstreeks aan Latijn brūtus ‘zwaar, lomp’, dat wrsch. uit een Italisch dialect stamt waar b- < *gw-, in welk geval het woord verwant is met Latijn gravis ‘zwaar’, zie → gravitatie. Zie ook → brutaal, → bruto.
bruut zn. ‘beestachtig ruw mens’. Nnl. een paar keiharde bruten ‘een paar keiharde gewelddadige mensen’ [1922; WNT Aanv.]. Ontleend aan Frans brute ‘beestachtig mens’ [155-1560; Rey], het zelfstandig gebruikt bn. brut.

EWN: bruut bn. 'gewelddadig; ruw' (1340-50* en 1905)
ANTEDATERING: bruut 'ruw' in: logge, onbewerktuigde, "brute" stof [1775; Van Engelen, 20]
Later: bruut 'barbaars' in: brute, redelooze ... Mammon-heerschappij [1897; iWNT sanctionneeren] (EWN: 1905)
{* De eerste attestatie in het EWN, uit 1340-50, moet geschrapt worden. Die betreft het zn. bruut.}
EWN: ♦ bruut zn. 'beestachtig ruw mens' (1922)
ANTEDATERING: mnl. alse een bruut 'als een onnozele' [1320-30; iMNW]
Later: brute 'barbaar' in: ten teeken, dat hij juist geen brute was [1876; Leidsche courant (Ld) 3/6]; Bruut! 'barbaar!' [1886; Kloos/Verwey, 34]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bruut [ruw] {na 1950} < frans brut [idem] < latijn brutus [stompzinnig, redeloos (van dieren)], verwant met grieks barus [zwaar].

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bruut (Frans brut)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

bruut ruw 1923 [Aanv WNT] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut