Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bruikbaar - (geschikt voor gebruik)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bruikbaar bn. ‘geschikt voor gebruik’
Vnnl. bruyck-baer ‘bruikbaar, nuttig’ [1599; Kil.].
Afleiding met het achtervoegsel → -baar van het nu nog maar zelden voorkomende werkwoord bruiken ‘gebruiken, zich van iets bedienen’, mnl. bruken ‘gebruiken’ [1300; CG I, 2807], zie → gebruiken.

EWN: bruikbaar bn. 'geschikt voor gebruik' (1599)
ANTEDATERING: bruycbaer landt [1561; Placcaet1, A2r]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

bruikbaar bnw., laat-nnl. zal wel < hd. brauchbar zijn overgenomen; zie verder: gebruiken.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

bruikbaar bnw., eerst laat-nnl. Wellicht naar nhd. brauchbar. Zie gebruiken.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bruikbaar (Duits brauchbar)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut