Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

browser - (computerprogramma waarmee elektronische bestanden kunnen worden geraadpleegd)

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

browser (Engels browser)
Dateringen of neologismen

Nicoline van der Sijs (2015-heden), Jaarwoordenzoeker ‘Een woord uit elk jaar 1800-heden’, zie ook bij Onze Taal

internet [wereldwijd computernetwerk] (1991). In 1991 komt het woord internet voor het eerst in het Nederlands voor. De komst van het internet levert in de jaren die volgen een groot aantal Engelse leenwoorden op, zoals bookmark, browser, cookie, cyberspace, homepage, hyperlink, webcam, weblog en website. In hetzelfde jaar wordt voor het eerst het woord e-mail in het Nederlands aangetroffen: dit digitale, elektronische postverkeer wordt vooral na 1995 op grote schaal gebruikt, en leidt tot nieuwe woorden als attachment, junkmail, provider en spam.

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

browser computerprogramma waarmee elektronische bestanden kunnen worden geraadpleegd 1994 [PC+ 3/11, 19, 15] <Engels

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

browser (← Eng. ‘snuffelaar; grasduiner’), speciale software waarmee Internet-gebruikers documenten kunnen raadplegen op het web (browsen*); hetzelfde als een bladerprogramma*. Bekende browsers zijn Netscape Navigator en Microsoft Internet Explorer. De allereerste browser werd eind 1990 geïntroduceerd door de Brit Tim Berners-Lee, nu directeur van een consortium dat standaards voor het world* wide web (WWW*) uitwerkt.

Maar natuurlijk heeft Bill Gates ook al lang in de gaten dat Internet belangrijk is. Microsoft bouwt tegenwoordig standaard een browser in. (Zink, juni 1996)
Momenteel ontlopen de browsers elkaar niet veel. De algemene stemming is dat Microsoft met de Internet Explorer een ietwat vriendelijkere browser op de markt heeft gezet (een browser die nog steeds gratis is), terwijl Netscape een robuustere browser heeft. (Computer Thuis in Bedrijf, nr. 8/96)
Niets te dol in de titanenstrijd om de markt voor ‘browsers’, de software waarmee op Internet kan worden gedwaald. (De Volkskrant, 19/10/96)
Liefhebbers van het conflictmodel kunnen nu al geruime tijd genieten van het gebakkelei tussen aanhangers van Microsoft en Netscape over de vraag wie nu de beste webbrowser maakt. (PC Magazine, november 1996)
Een Java-suite start je op met een browser. Niet om het even welke browser, maar liefst een recent exemplaar dat in staat is om alle Java-kneepjes correct te interpreteren en uit te voeren. (Computer Magazine, januari 1997)
Een ‘Browser’ is geen software om toegang te krijgen tot een database, maar tot een Web-pagina. (HP/De Tijd, 11/04/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal