Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

brantimaka - (struik (Machaerium lunatum, Bonenfamilie))

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

bran’timaka (de), struik met paarse vlinderbloemen en achterwaarts gerichte stekens aan de takken (Machaerium lunatum, Bonenfamilie*). Al in matig brakke zwampen* kan zich tussen de kruiden brantimaka en kofimama* vestigen (Enc.Sur. 627).- Etym.: S (branti = uitslag; maka = o.m. stekel). - Opm.: Het is zeer waarschijnlijk, dat met de maka genoemd in plakkaten van 1744 en 1780 (S&dS 522, 982) deze plant bedoeld werd.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut