Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bovist - (zwam)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bovist zn. ‘zwam (onder meer van het geslacht Bovista)’
Mnl. bovjste ‘spons’ [1240; Bern.]; vnnl. bovist ‘zwam’ [1608; WNT]. Nnl. synoniemen zijn wolfsveest en pofbal.
Mogelijk is het woord aan het Middelhoogduits ontleend. Een oudere benaming voor de zwam is wolfsveest: vnnl. wolfs vest [1675; Sterkbeeck] en daarnaast ook Duits Wolfsfurz ‘wolfsscheetje’; Vroegnieuwengels woolfes fistes (Puffesfistes are commonly called in Latine Lupi crepitus or Woolfes Fistes [1597; OED]); Frans vesse-de-loupe. Dit zijn allemaal samenstellingen van woorden voor ‘wolf’ en ‘buikwind’. Het wolkje waarmee de bovist haar sporen laat gaan wanneer men erop trapt, deed blijkbaar aan een wind of → veest denken. De botanische aanduiding Latijn lupi crepitus ‘wolfswind’ is later in geleerde kringen vervangen door Nieuwgrieks lukóperdon ‘wolfsveest’ [1700; Pfeifer], een samenstelling uit Grieks lúkos ‘wolf’ en pérdesthai ‘winden laten’. Of de volksnaam wolfsveest een vertaling is uit het Neolatijn, of dat renaissancistische geleerden juist gebruik hebben gemaakt van het volkstaalwoord, is onduidelijk. De eerder geattesteerde, semantisch nauw verwante vorm Middelhoogduits vohenvist doet het laatste vermoeden.
De in Winkler Prins 1991 gegeven verklaring is niet geloofwaardig. Er zou sprake zijn van een afleiding van Latijn bōs ‘rund’ (genitief bovis) vanwege het feit dat de bovist alleen op weidegrond groeit en ze volgens het volksgeloof uit koeienmest ontstaat.
Vnhd. vohenvist [1450] (nhd. Bovist, Bofist), door dissimilatie ontstaan uit een samenstelling uit vohe ‘wijfjesvos’ en vist ‘buikwind’; vne. puff-fis, puff-foist, puffes fistes [1597].
De betekenis ‘spons’ is wrsch. secundair en berust op gelijkenis in vorm. Dat dergelijke gevallen van betekenisoverdracht al vroeg voorkwamen, blijkt uit de Gotisch swamms ‘spons’, letterlijk ‘zwam’ (en ook nu nog Duits Schwamm ‘spons’).
Lit.: F. van Sterkbeeck (1675) Theatrum Fungorum oft Toneel der Campernolien, Antwerpen

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bovist* [naam van buikzwammen, wolfsveest] {bovijste ca. 1483} vgl. hoogduits Bofist, gedissimileerd uit 15e-eeuws vohenfist, van vohe [wijfjesvos] + middelhoogduits vist [veest, buikwind]; de stuifzwam, die sissend leegblaast als men erin knijpt, deed blijkbaar aan een veest denken; de naam in het grieks lukoperdon is dezelfde, van lukos [wolf] + perdein [een wind laten].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

poefvijst, zn.: bovist, wolfsveest (stuifzwam). Br. boevijst, Wvl. boveeste. Mnl. bovijste ‘bovist’, E. puffist, D. Bofist < 1450 vohenfest, Mhd. vohenvist. Mhd. vohe ‘vossin’. Het woord betekent dus ‘vossinnenveest’, vanwege het licht sissende geruis bij het openbarsten van de zwam. Poefvijst door volksetymologische associatie met het klanknabootsende poef.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

boevijst, zn.: bovist, wolfsveest (stuifzwam). Wvl. boveeste. Mnl. bovijste ‘bovist’, E. puffist, D. Bofist < 1450 vohenfest, Mhd. vohenvist. Mhd. vohe ‘vossin’. Het woord betekent dus ‘vossinnenveest’, vanwege het licht sissende geruis bij het openbarsten van de zwam.

F. Debrabandere (2002), West-Vlaams etymologisch woordenboek: de herkomst van de West-Vlaamse woorden, Amsterdam

boveeste, zn. v.: bovist, wolfsveest (stuifzwam). Mnl. bovijste ‘bovist’, E. puffist, D. Bofist < 1450 vohenfest, Mhd. vohenvist. Mhd. vohe ‘vossin’. Bet. ‘vossinnenveest’, vanwege het licht sissende geruis bij het openbarsten van de zwam.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut