Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bolwerk - (bastion)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bolwerk zn. ‘bastion’
Mnl. bolwerc ‘verschansing’ [1407; MNW opset].
Samenstelling van bol en → werk. De oorsprong van het eerste lid is niet duidelijk. Het WNT oppert de betekenis ‘kogel’; het komt ook voor in de betekenis ‘steen’. Plausibel is ook de etymologie uit Toll.: mnl. bolle ‘stronk’; mhd. bole ‘dikke plank’ (nhd. Bohle). Verschansingen waren immers vaak houten palissades, paalwerk.
Mhd. bolewerc, bolwerk, ook in de betekenis ‘slingerwerktuig voor stenen’ (nhd. Bollwerk ‘verschansing’); ofri. bolwerk (nfri. bolwurk).
Aan het Middelnederlands of het Middelhoogduits zijn ontleend: Engels bulwark; Middelfrans bollewers, bolluwercq, bollewarque (Nieuwfrans boulevard, terugontleend als → boulevard); Russisch bolverk.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bolwerk* [bastion, verdediging] {bolwerck [vesting] 1477} middelnederduits bolwerk, middelhoogduits bol(e)werc; van middelnederlands bolle, bol [bol, boomtronk] (vgl. bol1) + werk2, dus een met hout versterkt verdedigingswerk → boulevard.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

bolwerk znw. o., mnl. bolwerc ‘bolwerk, zeedijk’, mnd. bolwerk ‘verschansing van hout of aarde (hieruit on. bolvirki ‘houten uitbouw van boomstammen’), mhd. bolewerc, bolwerc ‘balista, bolwerk’. — > fra. boulevard (15de eeuw: boloart, boulever, bollvercq) ‘vestingswal, gang achter de wal’ (M. Valkhoff 69-70); > ne. bullwark (1418; vgl. Bense 28).

Het 1ste lid is het woord mnl. bolle ‘boomstronk’, mnd. bōle, bolle, bāle ‘plank’, mhd. bole (nhd. bohle) ‘brede plank, balk’, on. bolr ‘boomstam, romp’ (zie ook: bolk), samenhangend met de groep van bal en bol; eigenlijk dus wat ‘dik, opgezwollen’ is.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

bolwerk znw.o., mnl. bolwerc o.“bolwerk, zeedijk”. = mhd. bolewërc, bolwërc o. “werktuig voor ’t slingeren van steenen, bolwerk, verschansing” (nhd. bollwerk), mnd. bolwërk o. “houten of aarden verschansing”, vanwaar laat-on. bolvirki o. “uitbouw in ʼt water van horizontale boomstammen” (ook in ʼt De. en Zw. overgenomen). Ook fr. boulevard en eng. bulwark gaan op ʼt du.-ndl. woord terug. ʼt Eerste lid is òf mnl. bolle v. “boomtronk”, mhd. bole (nhd. bohle) v. “breede, dikke plank”, mnd. bōle, bolle, bāle v. “plank”, dat evenals on. bolr m. “boomstam, romp” van den wortel bhel- “zwellen” (zie bal I, bol I) kan komen, - òf de stam van mhd. boln, ohd. bolôn “rollen, slingeren” (bij bol I?). In ʼt laatste geval komt ndl. bolwerk uit ʼt Du., wat ook in ʼt eerste niet onmogelijk is.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

bolwerk o., Mnl. bolwerc + Hgd. bollwerk, Eng. bulwark, De. en Zw. bolverk; ging over in 't Rom. (Fr. boulevard, nog bij Voltaire boulvarc) en in ’t Slav. (Ru. bloverk): het eerste lid is bol 4 + Mhd. bole (Nhd. bohle), On. bolr (Zw. bål, De. bul), Eng. bole = boomstam, wellicht verwant met balk en blok.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1911), Keur van Nederlandsche woordafleidingen, Purmerend

Bolwerk, een woord van Duitschen oorsprong en in vele andere talen overgenomen, b.v. Fr.: boulevard (ouder: boulever); Russisch: bolverk. Er gelden voor ’t eerste lid bol twee afleidingen; de eerste is deze. Bolwerk bet. oorspr. werp-machine; dan zou bol afgeleid zijn van ’t Middelhoogd. boln = werpen. Maar in de hedendaagsche bet. laat bol zich beter verklaren uit een andere bet. van bol, n.1. boomstam of tronk, in Vlaanderen ook bul, b.v. „een bul in planken zagen” (verwant zijn: balk en blok); in deze afl. bet. bolwerk dus: het verdedigingswerk, verkregen door middel van boomstammen, evenals b.v. een blokhuis. „Men maecte van den boomen bloc-huysen ende bollewercke”. Mogelijk is ’t ook, dat uit de eerstgenoemde bet. „werp-machine” later ook de tweede bet. ontstond, n.1. de plaats; het versterkte punt dus; b.v. „naar het bolwerk gaan”, waarin beide beteekenissen voorkomen.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

bolwerk ‘bastion’ -> Engels boulevard ‘laan, hoofdverkeersweg’ ; Engels bulwark ‘bastion; golfbeker; verschansing, reling’; Duits Boulevard ‘brede (ring)weg’ ; Oost-Jiddisch boelwarn ‘laan’ ; Deens boulevard ‘brede wandelweg omzoomd door bomen’ ; Noors bolverk ‘bastion’ (uit Nederlands of Nederduits); Zweeds bålverk ‘bastion’ (uit Nederlands of Nederduits); Zweeds boulevard ‘brede straat in grote stad’ ; Frans boulevard ‘brede laan’; Italiaans baluardo ‘bastion; borstwering’ ; Italiaans boulevard ‘brede laan met bomen die kenmerkend is voor Franse steden’ ; Spaans bulevar ‘brede wandelweg’ ; Spaans baluarte ‘bastion’ ; Portugees bulevar ‘laan’ ; Portugees baluarte ‘onneembaar fort’ ; Bretons boulouard ‘brede weg’ ; Russisch bul'vár ‘laan’ ; Oekraïens bul'vár ‘laan’ ; Wit-Russisch bul'vár ‘laan’ ; Azeri bulvar ‘brede wandelweg omzoomd door bomen’ ; Litouws bulvaras ‘brede wandelweg omzoomd door bomen’ ; Grieks mboulbar /boelvar/ ‘brede laan’ ; Maltees bulvar ‘brede weg’ ; Esperanto bulvardo ‘rondgaande wandelweg op oude stadswallen, bomenlaan’ ; Turks bulvar ‘laan’ ; Koerdisch bûlevar ‘brede laan’ ; Perzisch bulvar, bulovar ‘brede straat’ ; Indonesisch baluwarti ‘bakstenen muur rondom vorstenverblijf’; Javaans † bluwèr ‘bastion’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

bolwerk* bastion 1477 [Teuth.]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut