Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bolderkar - (houten trekkar)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bolderkar zn. ‘houten trekkar’
Nnl. bolderkar [1984; Dale].
Het eerste element van de samenstelling is wrsch. afgeleid van het werkwoord → bulderen ‘een sterk rommelend of dreunend geluid maken’, dat als variant ook bolderen kent (zoals ook in het bijwoord → holderdebolder ‘halsoverkop, met veel lawaai’). Het tweede lid van de samenstelling is het zn.kar.
Duits Bollerwagen; Fries bolderbak, -kast, -wein.
De bolderkar als kindervervoermiddel is een betrekkelijk recent verschijnsel, dat samenhangt met de opkomst van de vakantiecultuur. Langer bestaat de bolderwagen [1693; WNT] of bulderwagen ‘overhuifde boerenkar zonder veren of andere ophanging; rammelende, hortende en stotende wagen’.

EWN: bolderkar zn. 'houten trekkar'; de betekenis 'trekkar voor kinderen' (1984)
ANTEDATERING: de jongen op de bolderkar [1939; Mooi Limburg (KB) 13/5]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

bolderwagen m., saamgest. met den stam van bolderen, wisselvorm van bulderen.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut