Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

boerenkool - (koolsoort (Brassica oleracea, convar. acephala, var. sabellica))

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

boerenkool zn. ‘koolsoort (Brassica oleracea, convar. acephala, var. sabellica)’
Nnl. Boeren-kool [1778; WNT sluitkool].
Samenstelling uit → boer 1 en → kool 1. De groente wordt ook wel boerenmoes [1902; WNT] genoemd.

EWN: boerenkool zn. 'koolsoort (Brassica oleracea, convar. acephala, var. sabellica)' (1778)
ANTEDATERING: vnnl. Boerekool [1666; iWNT uitgebreid]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

boerenkool ‘koolsoort’ -> Engels borecole ‘koolsoort’; Indonesisch borkol ‘koolsoort’; Javaans burkol ‘koolsoort’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

boerenkool koolsoort 1778 [WNT sluitkool]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut