Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bloemzuigertje - (vogels (naam voor honingkruipers))

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

bloem’zuigertje (het, -s), (veroud.) naam voor honingkruipers (suikervogels) en kolibries. Gelyk ook van de Colibrie of Bloemzuigertje, anders Ronkertje genoemd, zynde het kleinste en fraaiste Vogeltje dat ’er bekend is (Hartsinck 1770: 112; oudste vindpl.). - Etym.: Deze vogeltjes zuigen honing uit bloemen. Bij P&P (1910: 477) wordt met b. alleen een bepaalde soort honingkruiper (Coereba flaveola) aangeduid.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut