Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

blanda - (Hollander)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

blanda [Hollander] {1901-1925} < maleis belanda [Europeaan, Nederlander], ook wolanda en javaans londo < portugees Holanda [Holland].

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

Blan’da, Nederland. Van sommigen is het ‘Nederlandser’ spreken wel acceptabel. Dit is vooral het geval bij mensen die al een hele tijd, enkele jaren, in Blanda doorbrengen (de Ziel 1964: 10). - Etym.: Vgl. Maleis ‘belanda’ of ‘blanda’ (= blanke), dat in het voormalige NOI ook ‘Nederlander’ betekende.

N. van der Sijs (bezorger) (2003), Uit Oost en West. Verklaring van 1000 woorden uit Nederlands-Indië van P.J. Veth (1889), met aanvullingen van H. Kern en F.P.H. Prick van Wely (1910), Amsterdam. Gebaseerd op: Uit Oost en West. Verklaring van eenige uitheemsche woorden van P.J. Veth uit 1889, recensie van het werk van Veth door H. Kern in De Indische Gids van 1889, en ‘Etymologisch aanhangsel’ (p. 297-350) uit het Viertalig aanvullend Hulpwoordenboek voor Groot-Nederland van Prick van Wely uit 1910

ajer blanda [spuitwater]. Maleis neologisme uit Maleis ajer = water + blanda, van Wolanda, van Holland. In het Maleis van Singapore betekent blanda enkel: Hollander. In ons spraakgebruik heeft het echter zijn betekenis uitgebreid tot die van: blanke. [P]

Thematische woordenboeken

M. De Coster (2007), Groot scheldwoordenboek: van apenkont tot zweefteef, Antwerpen

belanda, blanda, blanda speklul: (soldatentaal Ned.-Indië, thans verouderd) blanke of vreemdeling (een nieuw aangekomen koloniaal). Sedert ca. 1880.

Vreemd is het, dat, zoo bang de bevolking is voor het geheel, (zóó bang dat zij tot geen prijs zou willen vechten) de verhouding van den enkelen man tot den soldaat in ’t geheel niet zoo respectvol is, als men die zou verwachte: in verband met onze qualiteit van overwinnaar, en de onderdanigheid tegenover den blanda op Java. (De Groene Amsterdammer, 06/01/1895)
Als de Blanda’s niet voor Java vechten, dan hebben we ook niets meer met ze te maken. (Piet Bakker, De slag in de Javazee, 1951)
Hij respecteerde mij wel en kon of wilde niet vergeten dat ik een ‘blanda’, een blanke was; dat hij het dus in geen geval van mij mocht winnen. (Johan Fabricius, Hop heisa, in regen en wind, 1964)

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

blanda (Maleis belanda)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut