Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bijklussen - (zwart wat bijverdienen)

Dateringen of neologismen

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

bijklussen, informeel voor ‘zwart wat bijverdienen; een bijbaantje hebben’. → bijbeunen*.

De kamerleden mogen 14.978 gulden per jaar bijklussen. (Elsevier, 28/09/96)
‘Een fantastische man.’ Dat is de reactie van Jan Marijnissen, Tweede Kamerlid voor de SP, op uitlatingen van bisschop Muskens van Breda dat hij er begrip voor heeft wanneer financieel in nood verkerende uitkeringstrekkers zwart bijklussen en als armen brood stelen. (Trouw, 04/10/96)
Ga nou niet bijklussen. Besteed je tijd liever aan je foto’s. (HP/De Tijd, 30/05/97)
Bij de bijstandsmoeder die zwart bijklust worden tandenborstels geteld, maar een Heer van stand die helpt met de witte was bedekken we met de mantel der liefde. (HP/De Tijd, 31/10/97)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut