Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

bibliotheek - ((plaats van een) boekenverzameling)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

bibliotheek zn. ‘(plaats van een) boekenverzameling’
Mnl. biblioteke ‘boekerij’ [1462-85; MNW librarie], bibliotheke ‘id.’ [1462-85; MNW studoor]; nnl. bibliotheke “een plaetse daermen boecken stelt” [1553; Werve].
Al dan niet via Frans bibliothèque [1493; Rey] ontleend aan Latijn bibliothēca ‘boekenkast, boekerij’ < Grieks bibliothḗkē, gevormd uit biblíon ‘boek, geschrift’, zie → bijbel en thḗkē ‘bewaarplaats’ (zie → apotheek).
bibliothecaris zn. ‘boekenbeheerder’. Vnnl. bibliothecarius ‘id.’ [1682; WNT], bibliothecaris [1729; WNT tegenwoordig]. Ontleend aan Latijn bibliothēcārius, en vernederlandst naar analogie van andere woorden op -aris.

EWN: ♦ bibliothecaris zn. 'boekenbeheerder' (1682)
ANTEDATERING: het voorz. ampt van bibliothecaris [1593; iWNT noodwendig]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

bibliotheek [plaats met verzameling boeken] {bibliotheke 1552-1553} < frans bibliothèque of < latijn bibliotheca [idem] < grieks bibliothèkè, van biblion [boek] (vgl. bijbel) + thèkè [bewaarplaats] (vgl. -theek).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

biblioteek s.nw.
1. Plek waar boeke bewaar word. 2. Groot aantal boeke. 3. Versameling boeke vir alg. of besondere gebruik. 4. Eenvormig uitgegewe reeks boeke.
Uit Ndl. bibliotheek (1640 in bet. 1, 1649 in bet. 2, 1762 - 1784 in bet. 3, 1804 - 1808 in bet. 4). Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902) in die vorm bibliotheek.
Ndl. bibliotheek uit Fr. bibliothèque of Latyn bibliotheca uit Grieks bibliothèkè, 'n samestelling van biblion 'boek' en thèkè 'bewaarplek'.
D. Bibliothek (16de eeu).

S.P.E. Boshoff en G.S. Nienaber (1967), Afrikaanse etimologieë, Die Suid-Afrikaanse Akademie vir Wetenskap en Kuns

biblioteek: boekery; gebou v. boekery; Ndl. bibliotheek (ouer vorm bibliotheke, maar na Kil), soos Fr. bibliothèque uit Lat. bibliotheca uit Gr. bibliothêkê (biblos, “papirus; boek” (aanvanklik v. papirus gemaak) en thêkê, “kas”); v. ook diskoteek, xiloteek.

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

bibliotheek (Latijn bibliotheca of Frans bibliothèque)
Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

bibliotheek ‘plaats met verzameling boeken’ -> Indonesisch biblioték ‘plaats met verzameling boeken’; Menadonees bibliotèk ‘plaats met verzameling boeken’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

bibliotheek plaats met verzameling boeken 1552-1553 [Claes Tw. 11] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut