Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

beton - (bouwmateriaal)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

beton zn. ‘bouwmateriaal’
Nnl. beton ‘id.’ [1847; Kramers].
Ontleend aan Frans béton ‘beton’, eerder al Oudfrans betun ‘cement, mortel’ [ca. 1165; Rey] < Latijn bitūmen ‘aardpek, asfalt’, zie → bitumen.

EWN: beton zn. 'bouwmateriaal' (1847)
ANTEDATERING: het gewigt van de beton [1812; iWNT vooruit I]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

beton [bouwmateriaal] {1847} < frans béton < latijn bitumen [asfalt], dat in de Oudheid werd gebruikt ter versteviging van muren.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

beton znw. o., laat-nnl. < fra. béton > lat. bitumen ‘slik, zand’.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

† beton znw.o. Laat-nnl. ontleend aan fr. béton (< lat. bitûmen ‘aardpek’).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

1beton s.nw.
Mengsel van klipgruis, sand, kalk en sement wat gemeng word met water.
Uit Ndl. beton (1847).
Ndl. beton uit Fr. béton 'beton' uit Latyn bitumen 'asfalt', wat dui op die stof wat voorheen gebruik is vir die versterking van mure.
D. Beton (19de eeu).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

beton (Frans béton)

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Beton (Fransch) noemt men een soort van mortel, bestaande uit brokken steen, kiezel, zand, kalk, enz., die fijngestampt en met water tot een soort brei worden gemaakt. Men gebruikt het niet als verbindingsmiddel (zooals kalk of cement), maar om er bouwmateriaal van te maken, bijv. fundamenten, vloeren, muren, pieren (betonblokken) enz.

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

beton ‘bouwmateriaal’ -> Indonesisch beton ‘bouwmateriaal’; Jakartaans-Maleis beton ‘bouwmateriaal’; Javaans pleton ‘bouwmateriaal’; Madoerees bētton ‘bouwmateriaal’; Makassaars batông ‘havenkade’; Menadonees beton ‘bouwmateriaal; stenen muur’; Minangkabaus beton ‘bouwmateriaal’; Papiaments betòn ‘bouwmateriaal’; Surinaams-Javaans béton ‘bouwmateriaal’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

beton bouwmateriaal 1847 [KKU] <Frans

M. De Coster (1999), Woordenboek van Neologismen: 25 jaar taalaanwinsten, Amsterdam

beton, informeel voor ‘hardrock’; heavy* metal. Ook als voorvoegsel.

Wordt er dan’s één keertje AC/DC gedraaid, zegt die omroeper dat er al genoeg beton is gestort. (Vrij Nederland, 30/08/86)
Een aanrader voor de fans van de onverslijtbare betonstijl. (Backstage, oktober 1986)
Lees over de meest sensationele betongroep aller tijden... (Popfoto, januari 1988)
Ik hoop dat Chastain met dit brok beton eindelijk doorbreekt in de metal scene. (Metal Hammer, januari 1988)
Maar er zit weer iets meer melodie in deze betonplaat. (Popfoto, 27/04/89)
Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut