Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

beslechten - (vereffenen, uit de weg ruimen)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

beslechten ww. ‘vereffenen, uit de weg ruimen’
Vnnl. beslichten, beslechten ‘uitmaken, beslechten’ [1500-50; MNW].
Afleiding met → be- van het werkwoord → slechten, mnl. slechten, slichten ‘glad maken; vereffenen’, afleiding van het bn.slecht. Onder invloed van dit bn. heeft de werkwoordsvorm met -e- de vorm met -i- verdrongen.
Mhd. beslihten ‘glad maken, vereffenen’; nfri. besljochtsje.

EWN: beslechten ww. 'vereffenen, uit de weg ruimen' (1500-50)
ANTEDATERING: mnl gheenssins beslecht 'geenszins beslecht' [1460-80; MNW-R]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

beslechten* [een eind maken aan] {beslichten, beslechten 1503} van be- + slechten [glad maken].

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

beslechten ww., mnl. beslichten ‘beslechten’, eig. ‘glad maken’, samenstelling van slechten.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

beslechten ww., mnl. beslichten “beslechten”, oorspr. “effen, glad maken”. Zie slechten.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

beslechten* een eind maken aan 1503 [MNW]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut