Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

berenklauw - (Heracleum sphondylium)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

berenklauw zn. ‘schermbloemige plant (Heracleum sphondylium)’
Mnl. berenclau, berenclawe, beercla(e)u [1350-1400; MNHWS]; vnnl. beerenclaeuw “Acanthus”, beerenclauw “Spondylion” [beide 1554, bij Dodonaeus; WNT], beren-klauw ‘acanthus, sierplant; berenpoot’ [1599; Kil.].
Leenvertaling van, of zelfstandige vorming naast, Latijn branca ursina, letterlijk ‘klauw van een beer’ en ‘berenklauw, acanthus’, gevormd uit → beer 1 en → klauw.
Mnd. berenklawe, barenklawe; mhd. ber(e)nklawe (nhd. Bärenklau); nfri. beareklau [1955; WFT] naast bearepoat [1934; WFT].
De naam berenklauw wordt zowel gegeven aan Heracleum sphondylium, de Europese berenklauw, en Heracleum persicum, de grote berenklauw, als aan Acanthus, de botanisch in een geheel andere familie thuishorende Acanthus. De vagelijk op die van de echte berenklauw gelijkende bladeren van de Acanthus zijn uit de bouwkunst bekend als motief, onder andere voor de kapitelen van Corinthische zuilen. De naam zou dan te danken zijn aan het feit dat de bladeren van deze planten, of wellicht ook de zaden of de vruchtbeginsels, op (de afdrukken van) berenpoten zouden lijken.
Lit.: Brok 1993, 9-22

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

berenklauw* [plantensoort] {berenclau 1351-1400} zo genoemd omdat de zaden een afdruk van een berenklauw lijken te vertonen, vertaling van latijn branca ursina.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

bereklauw znw. m., evenals mnd. bērenklā(we), bārenklā(we), mhd. bernklāwe een vertaling van lat. branca ursina.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

berenklauw znw. Als plantnaam nnl. vertaling van mlat. branca ursina. Evenzoo mhd. bërnklâwe (nhd. bärenklau) v.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

berenklauw. Reeds bij Dodonaeus (1608). Als plantnaam komt ook al mnd. bārenklâ(we), bērenklâ(we) v. voor.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

berenklauw m., ook Hgd., om den vorm der bladeren; synon. van akant.

Thematische woordenboeken

F. Kok (2007), Waarom brandnetel?, Nieuwegein

Berenklauw (gewone), Heracleum sphondylium
Heracleum: werd genoemd naar de beroemde held Herakles of Hercules, omdat hij voor het eerst de plant als geneesmiddel gebruikt zou hebben.
Sphondylium: is afkomstig van spondylos = wervel, gewricht of knook, omdat men de opgezwollen bladschede met een gewricht vergeleek.
Gewone berenklauw: de naam berenklauw heeft de plant gekregen vanwege de grote, ruigbehaarde bladeren, die men met de klauw van een beer vergeleek.

H. Kleijn (1970), Planten en hun naam: Een botanisch lexicon voor de Lage Landen, Amsterdam

Heracléum | Heracléum sphondýlium: Bereklauw
Het geslacht Heracleum werd genoemd naar de beroemde held Herakles of Hercules, omdat hij voor het eerst de plant als geneeskruid gebruikt zou hebben. De grote afmeting van de plant kan mede een rol gespeeld hebben. Bij Plinius vinden we eveneens een heracléum, maar men weet niet welke plant hij daarmede bedoelde.
De Latijnse soortnaam sphondylium was vroeger de geslachtsnaam, vandaar dat men in de zeventiende eeuw de plant tegenkomt onder de benaming: Spondýlion pseudacánthus. Dit sphondylium is afkomstig van spondylos: wervel, gewricht of knook, omdat men de opgezwollen bladschede met een gewricht vergeleek. Het pseudacanthus wil zeggen onechte of valse acanthus.
De naam Bereklauw (een door ons gehele land voorkomende benaming) heeft de plant gekregen vanwege de grote, ruigbehaarde bladeren, die men met de klauw van een beer vergeleek. Behalve Bereklauw kwam vroeger ook het Duitse bereklauw voor, onder meer bij Dodonaeus. Bij hem vinden we onder het xi Capittel het volgende onder meer vermeld: ‘Van Spondylium oft Duytsche Beerenclauwe. De apothekers van Hooch-Duytschland ende oock van Nederlant plagten dat hier voortijts Branca ursina te noemen, ende dat selve in stede van de oprechte Branca ursina oft Acanthus [de bladeren van de acanthus, die veel weg hebben van de Bereklauw, werden vroeger als gestileerd motief verwerkt in de Kapitelen van de korinthische zuilen. Kl.] seer onbedachtelijck in de clysterien te gebruycken: en daer door ist bij gecomen dat de Hoochduytschen dit cruydt sonder reden Bernclauw genoemt hebben, ende de Nederlanders Beerenclauwe: ende de Fransoysen Branse ursine: daerom hebben wij dat tot onderscheyt van de oprechte Beerenclauwe moeten Hooch Duytsche Beerenclaeuwe noemen.’ Zo vinden we ook bij P. Nylandt (1682) de plant beschreven onder de Latijnse benaming van Spondylion pseudacanthus en in het Nederlands als Duytse Beeren-Klauw.
Bij Heukels komt ook de naam Hercules voor, maar dit zou wel eens een boekennaam kunnen zijn.
In Hattem sprak men vroeger van Varkenskool, omdat de plant als varkensvoer gebruikt werd. Op de Veluwezoom spreekt men van Vennekool, dit zou, volgens Uittien een onjuiste volksnaam zijn en afgeleid van Foeniculum: Venkel, omdat de Bereklauw wel iets weg heeft van deze plant. Dat deze zienswijze wel juist kan blijken te zijn, kunnen we opmaken uit de volksnaam van de Venkel in de Overijselse Achterhoek, die luidt namelijk Vennekool. Als andere volksnamen vinden we vermeld Heelkruid en Heelkruud, en wel in de Overijselse Achterhoek. Deze namen zullen wel ontstaan zijn, of beter gezegd vertaald of overgenomen zijn van het nabije Duitse gebied waar de plant onder meer Heilkraut genoemd wordt. Wel is het zo dat de Bereklauw voor een groot aantal ziekten en kwalen werd aanbevolen. Zowel de wortel als de plant werd onder meer aangewend bij engborstigheid, vallende ziekte, geelzucht, buikloop en ingewandswormen. Het zaad werd, vermengd met olie, als een papje gebruikt bij hoofdpijn.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut