Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

benjamin - (jongste zoon)

Etymologische (standaard)werken

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

benjamin [jongste zoon] {1649} genoemd naar Benjamin, jongste zoon van aartsvader Jacob < hebreeuws binjāmīn [zoon van de rechterhand], van bēn [zoon] + jāmīn [rechterhand], waarbij rechts de gevoelswaarde heeft van goed, gunstig, verwant met arabisch yamīn [rechterhand].

Thematische woordenboeken

K. van Dalen-Oskam & M. Mooijaart (2005), Nieuw bijbels lexicon: woorden en uitdrukkingen uit de bijbel in het Nederlands van nu, uitgebreid met De Nieuwe Bijbelvertaling, Amsterdam

Benjamin, jongste zoon van Jakob; (fig.) het jongste kind, vaak daarbij de lieveling of het troetelkind in een gezin; ook wel: jongste persoon in een gezelschap; favoriete persoon of zaak.

Jakob hield van alle twaalf zijn zonen, maar vooral van de zonen die hij bij Rachel had, dus van Jozef en de jongste, Benjamin. Ook Jozef was zijn jongste broer meer dan de anderen toegenegen. Als hij hem na lange tijd weerziet is hij zijn ontroering niet meester en moet hij zich terugtrekken (Genesis 43:29-30). Benjamin is een van de meest voorkomende figuurlijk gebruikte bijbelse namen, en wordt zelfs op meisjes toegepast.

Rijmbijbel (1271), v. 3125-28. Do hi wiste dat sijn vader./ Leuede ende hi sach beniamin. / Al sijn lijf verroerde him. / Ende ghinc in sine kamere wenen. (Toen hij begreep dat zijn vader (nog) leefde en (toen) hij Benjamin zag, raakte hij zeer ontroerd en ging zijn kamer in en weende.)
Onze Henneman gaat op vrijersvoeten en nu vindt hij $t zelf spijtig voor moeder dat ze haar Benjamin kwijtraakt. Daarom loopt hij haar zo achter de rokken. (A. Oosterbroek-Dutschun, Tweedonker, 1990, p. 21)
[In een geboorte-advertentie:]Geboren, onze benjamin: Jonathan Benjamin. (NRC, 27-11-1999, p. 36)
Parijs was zijn Benjamin. Men hoefde de naam van die stad maar te noemen of hij begon te stralen als de gelukkige man die hij had willen worden. (S. Carmiggelt, Weet ik veel, 1958, p. 22)

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

Benjamin (Hebreeuws binyāmīn)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

benjamin jongste zoon 1649 [WNT] <Hebreeuws

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

202. Benjamin,

d.w.z. de jongste zoon, aldus genoemd naar den jongsten zoon van Jacob; ook de lieveling van vader en moeder, de frul of 'et febbeken, zooals de Antwerpenaars zeggen. Zie Laurillard, 5; Zeeman, 71 en Antw. Idiot. 415; 435Bij Harrebomée I, 47 a lezen we: ‘Daar kwam een stuk vleesch op de tafel van Benjamin’, welke zegswijze hij wil afleiden van Gen. XLIII, vs. 34. De bedoeling is evenwel ‘een groot stuk vleesch’, zooals blijkt uit Molema, 28 b: Benjemin, in iets, dat men beschrijven wil als zeer, buitengewoon groot, enz.: 't Was 'n oal van wat benjemin, zooveel als: wat ben je me; en uit Bouman, 114: ‘Hij wordt me een kerel watbenjemen; dat is me een gebouw watbenjemen’; Draaijer, 44: 'n Stück vleis van-woar-bí-mín. Hieruit blijkt tevens dat Benjamin eene verbastering is van benjemin, benjemen, dat zelf eene onvolledige uitdr. is voor: wat ben je me groot, zooals men kan opmaken uit de Lyste van Rariteiten, bl. 123: Acht ponden metworsten, twee Spaanse radijsen, met een saussyse broot (wat ben je me groot); vgl. ook Brieven van Betje Wolff en Aagtje Deken, 60: En ik malloot, als ik ben, kreet wat ben je me; 114: En zulverde beugeltas wat ben je me op zy! De uitdr. is te vergelijken met: een slag van heb ik jou daar (M. de Br. 124), van klinktum, van raakum (Jord. 403), van raak (Uit één pen, 49), van lik-me-ves (of vessie, zie Kmz. 148; 238), van komsa, fr. comme ça (vgl. Nest. 55: Een klein heertje met een neus van komsa) en dergelijke.. Ook in het fr. en hd. wordt Benjamin in dezen zin gebruikt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut