Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

benijden - (jaloers zijn)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

benijden ww. ‘jaloers zijn’
Mnl. beniden ‘niet kunnen verdragen, zich ergeren’ [1265-70; CG II, Lut.K]; vnnl. benien ‘haten’ [1544; MNW-R], beter benijt dan beklaecht ‘het is beter dan men jaloers op je is dan dat men je beklaagt’ [1613; WNT].
Afleiding met → be- van het zwakke Middelnederlandse werkwoord niden ‘afgunstig zijn’ [1350-1400; MNW], dat een afleiding is van het zn.nijd.
Ohd. nīdīn, nīdōn ‘haten, benijden’; nhd. ook met voorvoegsel: beneiden ‘benijden’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

benijden* [jaloers zijn] {beniden [iets niet kunnen velen, vijandig behandelen, benijden] 1265-1270} van be- + nijd.

N. van Wijk (1936 [1912]), Franck's Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, 2e druk, Den Haag

benijden ww., sedert het Mnl., Mhd., Mnd. Het simplex (van nijd afgeleid) is ook al ohd. en on.

C.B. van Haeringen (1936), Etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Supplement, Den Haag

benijden. Het simplex is ook al ags. (niðan).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

beny ww.
1. Afgunstig wees op 'n ander se voorspoed. 2. Jaloers wees op, sonder die gedagte van afguns.
Uit Ndl. benijden (Mnl. beniden), 'n afleiding van nijden 'afgunstig of vyandig wees teenoor iemand, iemand nie kan verdra nie'. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).
D. beneiden.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

benijden* jaloers zijn 1265-1270 [CG Lut.K]

Idioomwoordenboeken

F.A. Stoett (1923-1925), Nederlandsche Spreekwoorden, Spreekwijzen, Uitdrukkingen en Gezegden, drie delen, 4e druk, Zutphen

204. Beter benijd dan beklaagd.

Deze zegswijze is bij ons opgeteekend in de 16de eeuw. Wij lezen ze bij Campen, 70: Beter benydet dan beclaeget; Servilius, 161*: tIs beter benydt, dan beclaecht; zie verder bij Spieghel, 276; Mergh. 4; Cats I, 504; Vondel, Jeptha, vs. 602: 't Is beter zoo benyt, dan droef beklaeght; Coster, bl. 512: Alst Godt behaecht, ist beter benijt, dan beklaeght; Huygens, Korenbl. II, 334:

 Jan was eens arm, en wierd beklaeght;
 Nu siet hy sijn geluck benijden,
 En seght seer wel, als 't God behaeght,

 't Is beter nijd als nood te lijden.Vgl. nog Harrebomée I, 245 b; M. de Br. 49; Waasch Idiot. 103 a: t Is beter beneden (soms benijd) als beklaagd; Teirl. 123; fri. better binyd als biklage. In de klassieke oudheid komt ze reeds voor bij Herodotus; zie Erasmus CLXXVII; eng. better (to be) envied than (to be) pitied; hd. besser beneidet als bemitleidet (beklagt); fr. mieux vaut faire envie que pitié.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut