Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

beloken - (gesloten, verborgen), meestal in de uitdrukking beloken Pasen.

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

beloken bn. ‘gesloten, verborgen’, meestal in de uitdrukking beloken Pasen.
Mnl. Dar waest beloken met cortinen ‘daar was het gesloten met gordijnen’ [1287; CG II, Rijmb.], nar beloknen passchen [1292; CG I, 1637].
Verl.deelw. van het nu niet meer gangbare sterke werkwoord beluiken ‘sluiten’ (nog bij Kiliaan [1599]) < Middelnederlands beluken < Oudnederlands *belūcon ‘(om)sluiten’ (geattesteerd in de vormen: belucon ‘zij omsloten’ [10e eeuw; W.Ps.], beluke mi ‘jij omsloot mij’ [10e eeuw; W.Ps.]. Dit Oudnederlandse werkwoord is met → be- afgeleid van → luiken ‘sluiten’, dat ook terug te vinden is in ontluiken ‘opengaan, zich ontwikkelen’.
Os. bilūkan; ohd. bilūhhan; ofri. bilūka.
Beloken Pasen is de eerste zondag na Pasen, de dag waarop de paasoctaaf, de periode van acht dagen die het kerkelijk feest duurt, gesloten wordt.

EWN: beloken bn. 'gesloten, verborgen' (1287)
ANTEDATERING: beloken 'gesloten' [1265-70; VMNW]
[J. Luif (2010-2018), 'Oudere dateringen van woorden uit het EWN', in: Trefwoord (bewerkt)]

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

beloken* in de uitdrukking beloken Pasen [de eerste zondag na Pasen] {beloken paschen 1274} verl. deelw. van beluiken, oudnederlands beluken [(be)sluiten] {901-1000} op deze dag werd het paasoctaaf gesloten; van luiken1.

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

beloken bnw. in de uitdr. beloken Pasen, d.i. ‘de 1ste Zondag na Pasen’ van het ww. beluiken ‘afsluiten’, waarvoor zie: luiken. De naam komt daarvandaan, dat op deze dag het Paasoctaaf gesloten werd.

J. Vercoullie (1925), Beknopt etymologisch woordenboek der Nederlandsche taal, Den Haag / Gent

beloken bijv., eigenl. v.d. van *beluiken = sluiten (z. luiken).

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Debrabandere (2011), Limburgs etymologisch woordenboek: de herkomst van de woorden uit beide Limburgen, Zwolle

blokkepasen, bolkepasen, brakepasen, zn.: Beloken Pasen, zondag na Pasen. Blokke < beloken, afl. van volt. dw. van be-luiken ‘sluiten’. Bolke- door metathesis, brake- door wisseling van de liquidae l/r. Vgl. Wvl. Pasen blok.

F. Debrabandere (2010), Brabants etymologisch woordenboek: de herkomst van de woordenschat van Antwerpen, Brussel, Noord-Brabant en Vlaams-Brabant, Zwolle

blommekepasen, zn.: Beloken Pasen.Volksetymologisch en met epenthetische nasaal m.

F. Debrabandere (2007), Zeeuws etymologisch woordenboek: de herkomst van de Zeeuwse woorden, Amsterdam

blokenkermesse zn.v.: nakermis, maandag na de kermis. Uit beloken kermesse, d.w.z. ‘afgesloten kermis’. Beloken is het volt. dw. van beluiken, afl. van luiken ‘sluiten’, vgl. Beloken Pasen.

A.A. Weijnen (2003), Etymologisch dialectwoordenboek, Den Haag

blokenkermesse maandag na de kermis (Zeeland). Zie voor het eerste deel blokkepaose ↑.
Ghijsen 110.

blokkepaose, bolkepaose, braokepaose Beloken Pasen, Zondag na Pasen (Limburg, Betuwe). = Beloken Pasen. Sk. van een vdw. van een afl. van nl. luiken ‘sluiten’ (zie luiken ↑) en Pasen, een 3e nv. mv. van paas « kerklat. pascha « gr. paskha « Aramees pascha « hebr. pesach ‘bep. joods feest’. Het Paasfeest werd op deze zondag kerkelijk gesloten.
TT XIV 97-100, Roukens 218-220, krt. 44.

Thematische woordenboeken

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Beloken Paschen is de Zondag na Paschen. Het woord beloken komt van beluiken = besluiten, en wordt aldus genoemd, daar dan in de R.-Kath. kerk de Paaschtijd gesloten wordt.

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut