Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

banalew - (deukhoed)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

banalew’ (de, mv.?), 1. (veroud.) deukhoed. Als ze [uitgaande heren] passeerden, wist je dat je je ‘banalew’ (deukhoedje) moest wegnemen () en groeten. Je had respek (Waller 49). - 2. slappe, vilten mannenhoed waarvan de matig brede rand en de bol niet scherp gescheiden zijn (het nu gangbare model).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Instituut voor de Nederlandse Taal