Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

ballade - (episch gedicht)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

ballade zn. ‘episch gedicht’
Mnl. dichten, baladen, romansen, rijmen ende liedekins, diemen daghelics of leist of scrijft [1470 of 1485; MNW liedekijn]; vnnl. balade ‘rederijkersgedicht’ [1509; Claes 1994a], balade, baleye [1599; Kil.], ballade ‘episch gedicht’ [1798-1803; WNT].
Ontleend aan Frans ballade ‘danslied’, ouder balade [na 1288; Rey] < Provençaals balada ‘dans’, afleiding van het werkwoord balar ‘dansen’, zie → bal 2. Het woord werd in zijn tegenwoordige betekenis opnieuw ontleend aan Duits Ballade [ca. 1770] < Engels ballad < balade ‘bepaald gedicht’ [1385], dat op zijn beurt weer teruggaat op het Oudfranse woord.
De Oudprovençaalse balada was eerst ‘een bij een dans gezongen lied’, later ‘folkloristisch lied’. Deze werden in Frankrijk verder ontwikkeld tot kunstzinnige, lyrische gedichten (Pfeifer). In het Engels is in 1670 de ontwikkeling naar de moderne betekenis voltooid. Tijdens de Romantiek in Duitsland introduceerden G.A. Bürger (1747-1794) en J.W. von Goethe de Ballade als ‘episch gedicht’. Dat het woord in zijn huidige betekenis in het Nederlands pas laat is ontleend, blijkt bijv. uit de Nederlandse vertaling van Bürgers gedichten: daar werd nog het woord romance voor ‘ballade’ gebruikt.
Ballade is verder verwant met het zn. bajadère ‘religieuze danseres en zangeres in Indië’.
Lit.: Mak 1959

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

ballade [episch dichtstuk, muziekstuk] {balade 1509} < frans ballade < middeleeuws latijn ballada [ballade], van bal(l)are [dansen] (vgl. bajadère).

J. de Vries (1971), Nederlands Etymologisch Woordenboek, Leiden

ballade znw. v., is overgenomen uit fra. ballade ‘danslied’ < prov. balada ‘dans’ (zie: bal 2).

In de Middeleeuwen was de ballade een liedje van lyrische inhoud dat bij de carole of reidans gezongen werd; later werd het een liedje van epische inhoud met een lyrisch refrein, dat zich ook naar de germ. landen verspreidde en daar als typisch volksliedje zeer geliefd was (vgl. nde. folkevise). In de tijd van de Romantiek, toen men zich met deze volksliteratuur weer meer ging bezighouden, duidde men het als ballade aan en met deze betekenis keerde het weer naar het frans terug.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

F. Aarts (2017), Etymologisch Dictionairke vaan ’t Mestreechs, Maastricht

ballaad (zn.) episch gedicht; Nuinederlands balade <1509> < Frans ballade.

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

ballade s.nw.
1. Oorspr. in die primitiewe volkskuns 'n danslied en later 'n verhaaldig sonder musiek. 2. Liriese gedig met voortdurende terugkeer van ryme en versreëls. 3. Eenvoudige lied of instrumentale stuk wat 'n verhaal, tans meestal van romantiese aard, vertel.
In bet. 1 en 2 uit Ndl. ballade (al Mnl. in bet. 1, 1548 in bet. 2). In bet. 3 uit Eng. ballad (1492).
D. Ballade (16de eeu), Fr. ballade (in bet. 2).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

ballade (Frans ballade)

T. Pluim (1922), Wetenswaardig allerlei: bijdragen tot algemeene kennis voor studeerenden bijeenverzameld door T. Pluim, Groningen

Ballade (Fransch: ballade, Ital.: ballata van ballare = dansen) was oorspronkelijk bij de Zuideuropeesche volken sedert de 11e eeuw de naam van een kort gedicht, bestaande uit eenige coupletten met een refrein (z. d. w.). De inhoud bestond meestal uit minneklachten en het lied werd ter begeleiding van den dans gezongen. Vooral in Frankrijk was ten tijde van Lodewijk XIV de ballade zeer geliefd. Uit het Fr. werd het woord in Engeland en Schotland overgenomen, maar duidde hier hoofdzakelijk een volkslied met een verhalenden (epischen) inhoud aan. In deze beteekenis werd het woord bij de Duitschers en ook bij ons ingeburgerd, vooral sedert Tollens, die verscheidene balladen dichtte of vertaalde. Ook de “Kennemer Balladen” van Hofdijk zijn bekend. Bilderdijk gebruikte feitelijk ook deze dichtsoort, maar gaf er den naam van romance aan, hoewel deze meer lyrisch van aard is, d. w. z. meer de stemming der ziel weergeeft (z. d. w.).

Uitleenwoordenboeken

N. van der Sijs (2010), Nederlandse woorden wereldwijd, Den Haag; met aanvullingen uit Uitleenwoordenbank 2015

ballade ‘episch zangstuk’ -> Indonesisch balada ‘episch zangstuk’.

Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

ballade episch dichtstuk 1509 [Mak] <Frans

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut