Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

babykers - (sterk vertakt, gekweekt boompje)

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

ba’bykers (de, -en), 1. gekweekt boompje, sterk vertakt en met sterk vertakte dorens, uit Z.O. -Azië (Flacourtia jangomas, Babykersfamilie*). - 2. vrucht van deze plant (rood, rond en eetbaar). Vooral de Surinaamse kers* en de babykers komen veel op de markt (Stahel 1944: 33). - Etym.: De vrucht lijkt sterk op een AN kers, d.i. de vrucht van een aantal, deels gekweekte, Prunus-soorten (Roosfamilie*). - Zie ook: kers*.

Ba’bykersfamilie (de), familie van tweezaadlobbige, houtige planten; de bladeren in twee rijen; bloemen klein; vrucht meestal een bes (Flacourtiaceae). - Etym.: Genoemd naar babykers* (1).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut