Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

baarmoeder - (uterus)

Etymologische (standaard)werken

M. Philippa, F. Debrabandere, A. Quak, T. Schoonheim en N. van der Sijs (2003-2009) Etymologisch Woordenboek van het Nederlands, 4 delen, Amsterdam

baarmoeder zn. ‘uterus’
Mnl. baermoeder ‘deel van het vrouwelijk lichaam’ [1351; MNW conte]; vnnl. baermoeder ‘uterus’ [1542; Dasypodius], baermoeder “den buyck van eender vrouwen” [1562; Kil.].
Gevormd uit de stam baar van het werkwoord → baren en → moeder in een oude betekenis ‘uterus, schoot’. In het Middelnederlands was het gebruikelijke woord voor ‘uterus’ moeder [1351; MNW]. De samenstelling ontstond omdat moeder in deze specifieke betekenis niet meer duidelijk was. Een andere mogelijkheid is ontlening aan vnhd. bermuoter, bermoter [1398] (later Bärmutter, Gebärmutter), dat echter later geattesteerd is.
Het woord moeder heeft ook in andere Germaanse dialecten (bijv. in het mnd., ohd., mhd. en in het Oudzweeds) de engere betekenistoepassing ‘baarmoeder’. Daarnaast staan vormen als ohd. geburtmuoter ‘baarmoeder’ [12e eeuw] (vnhd. bermuoter, bermoter [1398], bermutter; nhd. Gebärmutter [eind 16e eeuw; Pfeifer]. In het Fries komen liif, liifmoer en limoer voor, dat overeenkomt met Zweeds livmoder, met als eerste lid → lijf in de betekenis ‘onderlijf’.

P.A.F. van Veen en N. van der Sijs (1997), Etymologisch woordenboek: de herkomst van onze woorden, 2e druk, Van Dale Lexicografie, Utrecht/Antwerpen

baarmoeder* [uterus] {baermoeder 1562} gevormd van baren1 + moeder.

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

G.J. van Wyk (2003), Etimologiewoordeboek van Afrikaans, Stellenbosch

baarmoeder s.nw.
Orgaan waarin 'n soogdier se kleintjie of kleintjies leef tot en met geboorte.
Uit Ndl. baarmoeder (al Mnl.), 'n samestelling van baren en moeder. Eerste optekening in Afr. in Patriotwoordeboek (1902).

Thematische woordenboeken

Nicoline van der Sijs (2005), Groot Leenwoordenboek

baarmoeder (vert. van Latijn matrix)
Dateringen of neologismen

N. van der Sijs (2001), Chronologisch woordenboek: de ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, Amsterdam

baarmoeder* uterus 1542 [Claes Tw. 12]

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut