Meehelpen? Ga naar etymologieWiki

 

Jaarwoord generator van Genootschap Onze Taal

 

awaraboom - (boomsoort (Astrocaryum vulgare))

Dialectwoordenboeken en woordenboeken van variëteiten van het Nederlands

J. van Donselaar (1989), Woordenboek van het Surinaams-Nederlands, Muiderberg

awa’raboom (de, -bomen), syn. van awara* (1): z.a. Aan weerszijden was het volbegroeid, dat er geen doorkijken mogelijk was. Je moest heel voorzichtig lopen, want de awarrabomen zaten vol scherpe zwarte dorens, lang en dun gelijk een naald, en dicht opeen als de haren van een mannenarm (Helman 1964: 41). - Etym.: Zie awara*. - Syn. ook awarapalm (Helman 1964: 85).

Overige werken

Woordenboek der Nederlandsche taal (WNT) & Middelnederlandsch woordenboek (MNW) & Vroegmiddelnederlands woordenboek (VMNW) & Oudnederlands woordenboek (ONW) – alle onderdeel van de Geïntegreerde Taalbank (GTB)

Zoek dit woord op in het WNT, MNW, VMNW, ONW.

Hosted by Meertens Instituut